Datum: 03/11/2016
Door: Inzet-Opwijk
DefaultImage

INZET: “Eindelijk erkenning voor Opwijkse trage wegen.”

Omdat trage wegen een steeds belangrijkere rol spelen in de lokale mobiliteit, gaat de provincie Vlaams-Brabant 800 naamborden plaatsen aan voet- en buurtwegen in acht verschillende gemeenten. Ook in Opwijk komen er zo dit najaar 25 naamborden. Luc De Ridder van INZET is blij met deze evolutie: “Drie jaar lang al ijveren we in deze legislatuur voor de borden, nadat we in de vorige legislatuur zelf al waren begonnen met de opwaardering van de trage wegen in Opwijk. Nu komt er eindelijk schot in de zaak.”

INZET is een fervent voorstander van de herwaardering van de trage wegen. Naast het eventueel herstel en het regelmatig onderhoud van de trage wegen pleit INZET al langer voor het aanbrengen van naamborden. Pol Verhaevert: “Dat kan het gebruik van de trage wegen verder aanmoedigen. Als voormalig schepen was ik in Opwijk al begonnen met de herwaardering van de trage wegen. Maar het werk was natuurlijk nog niet af.” Herwaardering van trage wegen draagt bij aan het behoud van het landschap en is uiteraard belangrijk voor de wandelaars en andere genieters. Ze vormen een belangrijke schakel in de gemeentelijke mobiliteit en kunnen ook zorgen voor snelle en veilige verbindingen voor voetgangers en fietsers.
Naamborden voor veldwegen

Herwaardering van de trage wegen gaat niet alleen over het openhouden van de trage wegen, het eventueel herstel en het regelmatig onderhoud. Herwaardering moet ook het gebruik van de trage wegen aanmoedigen. Een waardevol element daartoe is de bebording die de provincie Vlaams-Brabant nu doorvoert.

Luc De Ridder: “Naamborden zorgen voor herkenbaarheid voor de wandelaars. De bebording van veldwegen en andere trage wegen maakt dat ze vaker gebruikt en minder gemakkelijk ingepalmd of afgesloten worden. Voor de benaming van de veldweg kan men zoeken naar aanknopingspunten in de omgeving van de veldweg of naar historische namen.”
INZET doopte drie jaar geleden zelf bij wijze van ludieke actie de veldweg tussen de Steenweg op Aalst (in de buurt van de Oude Jongensschool) en Dokkene Bos om tot ‘Dokweg’, een naam die volgens de ‘Geschiedenis van Opwijk’ lang geleden gebruikt werd voor een veldweg in dat gebied.

DefaultImage

Beloofde groentoets werd nog nooit uitgevoerd

De vooropgestelde groentoets die schepen Inez De Coninck aan het begin van de legislatuur aankondigde voor elke nieuwe verkaveling is tot op vandaag nog niet uitgevoerd. “De groentoets moest er voor zorgen dat projectontwikkelaars en verkavelaars voldoende groen voorzien in hun projecten, maar tot hiertoe heeft de schepen dit nog nergens toegepast,” zegt voorzitter van Inzet Luc De Ridder.

Tijdens de gemeenteraad van juni vroeg Luc De Ridder naar de stand van zaken van de groentoets die schepen De Coninck aan het begin van de legislatuur (januari 2013) aankondigde. De Ridder: “De schepen kondigde dit aan als een belangrijk punt in haar beleid, in antwoord op de kritiek dat Opwijk stilaan volgebouwd is en dat de laatste stukjes groen verdwijnen. Nu, enkele jaren later blijkt dat er in de praktijk nog niets van terecht gekomen is.”

Schepen rekent op goodwill projectontwikkelaars

Inez De Coninck kon enkel toegeven dat het moeilijk is om de beloofde groentoets te organiseren en dat het er tot hiertoe nog niet van gekomen is. Luc De Ridder: “Volgens de schepen vindt ze geen partners om dit te doen. Verder antwoordde ze dat ze de suggestie kreeg om in gesprek te gaan met de verkavelaars en ontwikkelaars om ruimte voor groen te voorzien. Dat vinden wij absoluut onvoldoende: praten mag, maar finaal moet je die dingen afdwingen op basis van vooraf vastgelegde regels. Gewoon maar rekenen op de goodwill van grote projectontwikkelaars is al te gek.”

DefaultImage

Daarom is investeren in voet- en fietspaden goed voor de gezondheid

Voorstellen om gezonde en milieuvriendelijke verplaatsingswijzen zoals wandelen en fietsen te stimuleren en autogebruik te ontraden leiden vaak tot tegenkanting. Iedereen vindt het belangrijk, weinigen voelen zich geroepen. Nochtans kan de gemeente die keuze sturen: uit studies blijkt dat mensen zich namelijk vanzelf meer te voet of per fiets verplaatsen als de kwaliteit van de voet- en fietspaden goed is.

Dagelijks 30 minuten extra bewegen kan helpen om hart- en vaatziekten, diabetes en verschillende kankers te voorkomen en het risico op sterfte met 10% te laten dalen. Minder de auto nemen draagt bovendien bij tot een gezondere leefomgeving. Een belangrijk thema bij lokale besturen.

Effen trottoirs nodigen uit om te voet te gaan

De universiteiten van Brussel en Gent onderzochten bij 65-plussers de straatkenmerken die aanzetten om zich te voet te verplaatsen. De effenheid van het trottoir blijkt veruit het belangrijkste aandachtspunt. Daarna komen minder verkeersdrukte en het onderhoud van de straat. Andere elementen zijn de breedte van de stoep, de afwezigheid van obstakels zoals verkeersborden en elektriciteitskasten en een duidelijke afscheiding van motorvoertuigen en fietsers. Tot slot leert het onderzoek dat de aanwezigheid van zitbanken en groen een straat aantrekkelijker maken om er zich te voet in te verplaatsen.

Afgescheiden fietspaden maken fietsen aangenamer

Uit een grootschalig onderzoek bij 1.950 Vlaamse volwassenen en 1.232 kinderen tussen 10 en 12 jaar en hun ouders blijkt dat fietspaden met een afscheiding van het gemotoriseerde verkeer een belangrijke stimulans biedt om zich dan weer te verplaatsen met de fiets. Hoe beter het fietspad afgescheiden is, hoe fietsvriendelijker de straat is.

Hoeveel investeert Opwijk in voet- en fietspaden (en dus in onze gezondheid)?

Het is duidelijk: investeren in goede wandel- en fietsinfrastructuur komt iedereen ten goede. Deze legislatuur heeft slechts zeer beperkte investeringen ingeschreven. Te weinig oordeelt INZET. Ter vergelijking, de vorige legislatuur met schepen Pol Verhaevert investeerde jaarlijks tussen 100.000 en 200.000 euro. Wij vragen dan ook meer investeringen in voet- en fietspaden, ook al betekent dat dat er op andere posten bespaard moet worden. Het college kan hier zelf een belangrijke keuze maken!

DefaultImage

“Dossier parking Nanove: de wereld op zijn kop”

Op de gemeenteraad van mei werd het ruimtelijk uitvoeringsplan Nanove definitief goedgekeurd waardoor de realisatie van een grote parking op de voormalige Fata Morganasite in het centrum van Opwijk in een stroomversnelling komt. INZET is het niet eens met de gang van zaken en stemde tegen. Het heeft daar enkele goede redenen voor.

“Wij vinden het bijzonder onlogisch en ondoordacht dat via dat ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) eerst de exacte locatie van de parking wordt vastgelegd, en men pas daarna een verkeerscirculatieplan en een parkeerbeleidsplan voor Opwijk-centrum en omgeving laat opmaken. Daarmee wordt de kar voor het paard gespannen. Onlogisch dus, want alternatieve mogelijkheden voor de ontsluiting van de parking, die mogelijk minder belastend zijn voor de dorpskern, hangen af van waar exact de parking wordt gelokaliseerd. Door nu al via het RUP de locatie vast te leggen, worden meerdere ontsluitingsmogelijkheden reeds per definitie uitgesloten,” zegt INZET-voorzitter Luc De Ridder.

INZET klaagt aan dat er voor het parkingproject vooraf geen degelijk onderzoek is geweest naar de gevolgen voor de verkeerssituatie ter plaatse. “Hoe de auto’s de parking op en af moeten en welke impact dat zal hebben op de omliggende straten is in het kader van het RUP slechts heel minimaal onderzocht. Dit moest eigenlijk het voorwerp zijn van de studie die voorafgaand aan de vaststelling van het RUP moet gebeuren. Wat is de logica achter de beweging om dat omgekeerd te doen?” Ook van de schepen kreeg INZET op deze vragen geen afdoende antwoord.

—————————

“Afvalenquête en cijfers tonen dat tariefbeleid niet aanzet tot sorteren”

De recente afvalenquête werd door 18% van de bevolking ingevuld. Dat is een meer dan behoorlijke graad van deelname. Daarnaast werden een aantal cijfers vrijgegeven over de evolutie van de afvalvolumes in Opwijk. Als we al die informatie samen leggen dan wordt duidelijk dat het afvalbeleid in Opwijk nog niet naar behoren werkt. Vooral het tariefbeleid op het containerpark blijkt een pijnpunt.

Eind vorig jaar nam de meerderheid het voorstel van INZET over om snoeihout tweemaal per jaar gratis aan huis te laten ophalen door de intercommunale Haviland. “Een goede zaak,” zegt Luc De Ridder van INZET, “het systeem heeft alleen voordelen: het is goedkoper voor de gemeente, de gemeentearbeiders krijgen tijd vrij voor het onderhoud van het openbaar groen, ophaling aan huis bereikt meer gezinnen dan het snoeihout aan huis hakselen (op afroep en tegen betaling) door de gemeentelijke groendienst én burgers hoeven hun snoeihout niet meer betalend (tegen 0,10 euro/kg!) naar het containerpark te brengen.”

Tariefbeleid containerpark is pijnpunt.

Toch is INZET niet onverdeeld gelukkig met het totale beleid. De Ridder: “Wat de tarieven betreft werd ons voorstel jammer genoeg niet aanvaard. Nochtans blijkt ook uit de recente afvalenquête dat dit een echt pijnpunt is voor veel Opwijkenaren. Ter herinnering: wij stelden voor om op het containerpark enkel voor de niet-recycleerbare grofvuilfractie een voldoende hoog bedrag per kilogram te vragen. De prijs voor alle andere betalende, maar wel recycleerbare fracties, moet volgens ons aanzienlijk lager, precies omdat ze recycleerbaar zijn en de gescheiden inzameling ervan aangemoedigd moet worden. Recycleerbare fracties zijn voor de gemeente bovendien veel goedkoper om te laten verwerken. Een dergelijk gesplitst tarief zal meer aanzetten tot sorteren.”

De meerderheid verkoos een uniform tarief van 0,10 euro/kg (0,16 euro/kg vanaf 500 kg per jaar). Luc De Ridder: “Het resultaat is dat het dure vernieuwde containerpark nog steeds veel te weinig wordt gebruikt, ondanks de klantvriendelijkheid en hulpvaardigheid van het personeel die ook blijkt uit de enquête. Bovendien is er geen onderscheid voor bijvoorbeeld grotere gezinnen, die meer afval produceren. Ook zij hebben recht op 500 kilogram aan 0,10 euro. Daarna wordt de prijs 0,16 euro.”

Uit de afvalcijfers blijkt bovendien duidelijk dat het aandeel betalende fracties op het containerpark sterk is gedaald ten opzichte van vroeger, voor de tariefwijziging. Zo is de aanvoer van grof vuil in 2015 t.o.v. het jaar daarvoor gedaald met maar liefst 569 ton, houtafval met ca. 200 ton, asbestcement met 106 ton, groenafval met ca. 240 ton en bouw- en sloopafval met 520 ton. “Maar dat afval moet uiteraard wel ergens heen. In het beste geval gaat dat voor een deel naar private firma’s (vermoedelijk bouw- en sloopafval en – hopelijk althans! – asbestcementplaten) maar ook zwerfvuil en illegaal afval verbranden blijven een probleem.”

DefaultImage

INZET niet overtuigd over uitstap gemeente uit TMVW

Opwijk – Op de gemeenteraad van 1 maart 2016 wil de meerderheid in Opwijk beslissen om uit watermaatschappij TMVW (nu FARYS) te stappen. Het dispuut daarover loopt al een hele tijd. “De argumenten van de meerderheid kunnen INZET echter niet overtuigen,” zegt voormalig schepen Pol Verhaevert. “Wij hebben toch een aantal praktische en financiële vragen bij de uitstap die voorlopig onbeantwoord blijven.”

Uitstap niet kosteloos

De meerderheid stelt dat het vertrouwen tussen de gemeente en TMVW zoek is. INZET meent dat de bestuursmeerderheid daar dan grotendeels zelf voor gezorgd heeft. Pol Verhaevert: “In vorige legislatuur was er immers wel vertrouwen tussen gemeente en TMVW. Het bestuur en het betrokken personeel van de gemeente konden steeds rekenen op de deskundige hulp van de medewerkers van TMVW. Van wantrouwen was geen sprake en de samenwerking was dan ook erg goed te noemen.”

De motivatie van de huidige bestuursmeerderheid om uit TMVW te stappen is voor INZET niet overtuigend en lijkt terug te brengen tot een uit de hand gelopen meningsverschil waarbij men absoluut aan het langste eind wil trekken. Maar dat is niet alles. “De uitstap is niet kosteloos, in tegendeel zal het opzeggen van de samenwerking veel geld kosten aan de gemeentekas en dus aan de belastingbetaler: tussen 1,5 en 2,8 miljoen euro,” aldus Verhaevert.

En dan blijven er ook nog een aantal vragen van praktische aard: Wie gaat nu alle riolerings- en saneringswerken opvolgen in de gemeente? “In vorige legislatuur werden veel inspanningen gedaan om voor alle riolerings- en saneringswerken een subsidiebelofte te bekomen. Maar die subsidie vervalt als men die werken niet uitvoert binnen een bepaald tijdsbestek. Met deze uitstap riskeert de gemeente ook nog eens die budgetten extra te moeten ophoesten.”


Uitbating sporthal: hoe, wat, wie?

Naast waterwerken stond TMVW in Opwijk ook in voor de uitbating van de gemeentelijke sporthal. “Wij hebben begrepen dat het college verkiest om dat voortaan in eigen beheer te gaan doen. Ook dat zal geen evidentie zijn. We hebben op dit moment ook helemaal geen zicht op hoe het college dit dan gaat aanpakken.”

INZET stelt daarom voor om niet halsoverkop te beslissen in dit belangrijk dossier en alle mogelijkheden en gevolgen nog eens grondig te bestuderen.

DefaultImage

PERSBERICHT
Herziening gemeentelijk ruimtelijk structuurplan: te weinig ambitie en inconsequent.

Vanavond staat de herziening van het ruimtelijk structuurplan op de agenda van de gemeenteraad. INZET is verbaasd dat dit zo lang moest duren, zegt voormalig schepen Paul Verhaevert: “Eigenlijk waren de teksten al klaar aan het einde van de vorige legislatuur. Hier en daar heeft de meerderheid een aanvulling gedaan, maar voor de rest werd vooral veel geschrapt in het zogenaamde ‘bindend gedeelte’.” Evenzeer verbazend is het dat het college na drie jaren een document voorlegt dat volgens het advies van de provincie Vlaams Brabant ‘bijzonder weinig ambitie’ toont. Het bevat bovendien zelfs enkele inconsequenties.

Het meest voorkomende thema in het richtinggevende gedeelte is ‘de nood aan meer inspanningen voor bos en groen en kleine landschapselementen: op minstens 17 plaatsen in het richtinggevende gedeelte wordt gesteld dat het behoud en de uitbreiding van bos en groen nodig is. Paul Verhaevert: “Maar in het bindende gedeelte vinden we geen enkel objectief terug over ‘bijkomende inspanningen voor bosuitbreiding’. Ook de Provincie Vlaams-Brabant stelt in zijn advies dat de belangrijkste selecties zoals verwoord in het richtinggevende gedeelte ook een plaats moeten krijgen in het bindende gedeelte.”
Ook het omgekeerde is waar. In het bindende gedeelte vermeldt de meerderheid de reorganisatie van de kern met onder meer de aanleg van de bijkomende parkeerzone in het centrum. Maar opnieuw vinden wij net als de provincie in hun advies weinig motivatie en verantwoording voor deze parkeerzone in het richtinggevende gedeelte.

Twee maten, twee gewichten
“We stellen bovendien een aantal flagrante inconsequenties vast. Zo vermeldt het document dat ‘de brongebieden Dokkenebos, Trot en Nanovebos met elkaar moeten worden verbonden door middel van ecologische verbindingen’. Maar wat was de eerste actie tijdens de eerste gemeenteraad van de nieuwe legislatuur? De vernietiging van een aankoop in vorige legislatuur in Perreveld die juist de bedoeling had om deze ecologische verbindingen te maken.”
En zo zijn er nog enkele voorbeelden. Zo lezen we dat deze meerderheid op termijn industriële activiteiten binnen de kern wil afbouwen. Tegelijk staat er: ‘aandachtspunt is alvast de mogelijke uitbreiding van het RUP Van de Velde Beton (vroeger zonevreemd bedrijf met mogelijk terug een uitbreidingsproblematiek)”. “Hier wordt duidelijk met twee maten en twee gewichten gemeten,” aldus Verhaevert.

Rubensveld
Ook in het document staat ‘het behoud als reserve van het woonuitbreidingsgebied Meerweg en het woonuitbreidingsgebied Hof Ten Eken’. “Logisch,” zegt Verhaevert, “na het advies en de brief van het departement Ruimte van het Vlaamse Gewest dat letterlijk stelt: “Aangezien er geen woonbehoefte wordt aangetoond en er geen ruimtelijk afwegingskader is opgemaakt om de woonuitbreidingsgebieden binnen de gemeente al of niet te ontwikkelen, is het dan ook aangewezen om geen woonuitbreidingsgebieden aan te snijden.” De gemeente werd door het advies van het Vlaamse Gewest aangemaand om voor het woonuitbreidingsgebied Hof Ten Eken dezelfde houding aan te nemen als voor het woonuitbreidingsgebied Meerweg.
Maar het gif zit in in dit dossier in de volgende zin die op twee plaatsen in de tekst is toegevoegd: “De bestaande mogelijkheden binnen de gewestplanbestemming als woonuitbreidingsgebied blijven eveneens behouden”. Daarmee opent het college de deur naar een vergunning voor een groepswoningbouw in het woonuitbreidingsgebied Hof Ten Eken (woonuitbreidingsgebied Rubensveld in de volksmond). Verder in het document lezen we nog iets in dezelfde richting: “De woonuitbreidingsgebieden worden als reserve behouden. Eventuele ontwikkelingen kunnen verder onderzocht worden. De bestaande mogelijkheden die geboden worden door de huidige gewestplanbestemming als woonuitbreidingsgebied blijven eveneens behouden”.
Zoals de Provincie, zegt ook INZET dat deze herziening in het bindend gedeelte bijzonder weinig ambitie heeft. Om deze reden wenst INZET zich te onthouden op deze herziening.

DefaultImage

Algemene bemerkingen en voorstellen van INZET

Onze algemene bemerkingen zijn samen te vatten in volgende punten:
– INZET zou een breder kader en lange termijn strategie betrekken op het plan
– INZET zou een veel uitgebreider traject van participatie doorlopen
– INZET zou de doelstellingen veel concreter maken en de verantwoordelijkheid veel minder bij de burger alleen leggen, maar actiever zijn als overheid in de uitvoering van het plan en de nodige incentives en dus budgetten voorzien

Verder in deze tekst zullen wij elk van deze punten uitdiepen:

1. Geen kadering van het actieplan als eerste stap in een langer traject, geen lange termijnstrategie of –doelstelling
Onder 2.2. ‘’Ambitie en visie van gemeente Opwijk’ staat enkel dat tegen 2020 de CO2-uitstoot verminderd moet worden met min. 20%: door energie te besparen, door energie-efficiëntie te verhogen en door duurzame energiebronnen in te zetten.
Bij het formuleren van de ambitie en de visie van de gemeente wordt er enkel melding gemaakt van het huidige, minimaal gevraagde engagement. Dit engagement wordt in het hoofdstuk ‘ambitie en visie’ (: doelstellingen) niet gekaderd in een langer traject. De doelstelling van dit klimaatactieplan, nl. een vermindering van de CO2-uitstoot van 20% tegen 2020, is daarin slechts een eerste stap. Deze eerste stap kadert in het klimaat- en energiepakket van de 2020-strategie van de Europese Commissie met de 20-20-20-doelstellingen (20% minder uitstoot van broeikasgassen, 20% meer energie uit hernieuwbare energiebronnen en 20% meer energie-efficiëntie).

Maar, er is ook reeds de 40-27-27 doelstellingen die door de Europese Commissie werden vooropgesteld in de “2030 framework for climate and energy policies”. Die houden tegen 2030 volgende doelstellingen in:

– 40% minder uitstoot van broeikasgassen;
– 27% meer energie uit hernieuwbare energiebronnen;
– 27% meer energie-efficiëntie.

En dan is er nog de “Routekaart naar een concurrerende koolstofarme economie tegen 2050”, waarbij de EC tegen 2050 mikt op 80 tot 95% minder broeikasgassen dan in 1990.

Voorstel INZET:

Ook deze doelstellingen vermelden en daarbij opmerken dat de gemeente Opwijk de doelstellingen die de Europese Commissie vooropstelt voor de EU, bijtreedt.
Uiteraard hebben we geen probleem met de huidige concrete doelstelling van het klimaatactieplan. Alleen is die te vermelden als een eerste stap. Daarnaast zien we graag als finale doelstelling in het actieplan vermeld dat de gemeente zich voorneemt om op langere termijn klimaatneutraal te zijn. Weet overigens dat de provincie Vlaams-Brabant wel al mikt op klimaatneutraliteit tegen 2040. En, aan de vooravond van de VN-Klimaattop in Parijs, is het voor de wetenschappers duidelijk dat om de opwarming van de aarde tot 2° C te beperken, er tegen 2050 een omschakeling moet zijn naar 100% hernieuwbare energie.
Aangezien dit nu al geweten is lijkt het ons evident om deze lange termijnstrategie ook te vermelden in het huidig voorliggende document. Onder hoofdstuk 3 ‘Algemene strategie’ wordt het belang daarvan trouwens erkend. Er staat nl. het volgende:
“Het streefjaar is 2020. Daarom bevat het plan een duidelijke schets van de acties die de gemeente zal ondernemen om haar streefdoel in 2020 te bereiken. Maar een langetermijnstrategie en -visie is ook belangrijk.”. Wat die langetermijnstrategie en –visie is, wordt echter nergens in het Klimaatactieplan vermeld…

2. Slechts beperkt participatietraject doorlopen voor opmaak van het actieplan

Deels als gevolg van het feit dat pas laat gestart is met de opmaak van het plan, deels doordat men zich grotendeels beperkt heeft tot de traditionele communicatiekanalen , is voor de opmaak van het actieplan maar een beperkt participatietraject doorlopen.

De milieuraad kreeg wel geregeld de kans om input te geven en ook enkele andere raden. Maar de bredere bevolking of specifieke doelgroepen werden slechts in beperkte mate betrokken. Een goed aangepaste methodiek voor het laten participeren van de bredere bevolking werd wel toegepast door de organisatie van het Wereldcafé. Het zou goed geweest zijn gelijkaardige initiatieven naar specifieke doelgroepen te organiseren, zoals sommige gemeenten wel deden:

– Organisatie klimaatshow met externe sprekers, georganiseerd door de gemeente samen met een aantal verengingen en organisaties: 3WPlus, Kyoto in het Pajottenland, Natuurpunt, Velt, lokale adviesraden, …
– Organisatie van klimaatcafé of –lunch gericht naar bedrijven, met VOKA;
– Klimaatdialoog met ALLE gemeenteraadsleden;
– Klimaatquiz met jeudraadleden;
– …

Voorstel INZET:

Organiseer alsnog zulke participatieve acties naar diverse doelgroepen. Dit moet ook nog mogelijk zijn terwijl het actieplan loopt. Het kan leiden tot uitdieping en verruiming van het actieplan. Participatie zal het draagvlak bij de inwoners en betrokken verenigingen vergroten, wat noodzakelijk wordt in de uitrol en het bereiken van de doelstellingen. Het zou bovendien getuigen van het au serieux nemen van zowel het thema als de inwoners hierbij.

3. De acties zijn vaak zeer vaag, er wordt veel van de burgers verwacht, vaak met te weinig gerichte stimulansen; er zijn meer acties die de gemeente zelf zou kunnen nemen

Voorbeelden van vage acties:

– Gemeentelijke gebouwen > duurzame aankopen > actie 15: “aankoop groene stroom”. Gaat het hier om 50%, 80% of 100% groene stroom voor gemeentelijke installaties, gebouwen en openbare verlichting?
– Woningen > energiezuinige renovatie (+ nieuwbouw) > actie 24: “Gemeente participeert in de Kyotomobiel (project van 3WPlus)”. Waar wil men die inzetten, is dit gericht op bepaalde wijken of straten met een verouderd woningbestand? Houdt dit verband met actie 29?
– Woningen > energiezuinige renovatie (+ nieuwbouw) > actie 29: “Onderzoek naar duurzame wijkrenovatie”. Welke wijken beoogt men? Wat is het doel van deze actie: louter de energietoestand van de woningen in die wijken achterhalen of gaat men de bewoners stimuleren en begeleiden om hun woningen beter te isoleren of op andere wijze een hogere energie-efficiëntie van hun woningen te bereiken? Hoe? Met welk budget?
– Woningen > energiezuinige renovatie (+ nieuwbouw) > actie 32: “Stimuleren van energiezuinige woonprojecten” Hoe? Wat verstaat men onder ‘stimuleren’?? Allicht meer dan sensibilisatie want dat valt onder een afzonderlijke maatregel? Maar, met welk budget?
– Woningen > energiezuinige renovatie (+ nieuwbouw) > actie 33: “Implementatie van duurzaamheid, energiebesparing en –efficiëntie door jonge mensen hiertoe te stimuleren bij aankoop van oudere woningen”. Vage doelstelling; waaruit bestaat het stimuleren? Gaat men de huidige aankoopsubsidie van woningen heroriënteren door er voorwaarden van energiebesparing etc. aan te koppelen??
– Woningen > duurzaam ruimtegebruik > actie 52: “Hanteren van normen voor energieprestaties van verkavelingen en gebouwen. (…)” Wat wordt bedoeld: louter toezien op de toepassing van de bestaande energieprestatienormen of verdergaande normen opleggen (wat mogelijk is)?
– Particulier en commercieel vervoer > sensibilisatie en educatie > actie 43: “promoten van openbaar vervoer door te ijveren voor een groter aanbod en frequentie”. Slaat dit ook op De Lijn? Ter zake zijn deze legislatuur, ondanks onze vraag, nog geen acties ondernomen.
– …

Er wordt veel van de burgers verwacht, vaak met te weinig gerichte stimulansen

Omdat ‘huishoudens’ (residentiële woningen) en ‘particulier en commercieel vervoer’ voor respectievelijk 41% en 40% van de CO2-uitstoot in onze gemeente verantwoordelijk zijn, is het logisch dat voor zeer vele acties beroep wordt gedaan op de burger. Wat daar tegenover wordt gesteld vanuit de gemeente is voor een groot stuk sensibilisatie, kennisoverdracht, promotie van ondersteuning door andere overheden en organisaties en het uitvoeren van energiescans en -testen.

Er zijn evenwel slechts een beperkt aantal acties waarbij de gemeente burgers mee begeleidt en ondersteunt (financieel en/of materieel) bij het ondernemen van concrete acties voor bijv. het (beter) isoleren van hun woningen. Zo is de actie ‘Samenaankoop dakisolatie i.s.m. Lokaal Woonbeleid’ de enige dergelijke actie (nr. 28) in het kader van de zeer belangrijke maatregelenset “Energiezuinige renovatie (+nieuwbouw)”. Andere acties binnen die maatregelenset zijn zo vaag (zie hiervoor) dat het niet duidelijk is welke rol de gemeente zal opnemen en wat de burger van de gemeente mag verwachten.

Ook in de maatregelenset “Energiearmoede aanpakken” beperken de acties zich vnl. tot het aanbieden van energiescans en –testen en tot sensibilisatie.

Voorstellen INZET:

– Alle voormelde vage acties verduidelijken, de rol van de gemeente daarin scherper stellen, plus er voldoende budget voor uit trekken;
– Daarnaast dienen ook doelstellingen vermeld te worden zodat men 1) het resultaat van acties kan meten en zo nodig acties kan bijsturen en 2) waar bijkomende financiële stimulansen door de gemeente nodig zijn, er de budgetlast van kan meten. Aan onder meer de volgende concrete doelstellingen zou gedacht kunnen worden:
o Beoogd % percentage huishoudens met dakisolatie tegen 2020
o Beoogd % percentage huishoudens met muurisolatie t. 2020
o Beoogd % percentage huishoudens met hoogrendementsglas t. 2020
o Aantal bijkomende warmtepompen t. 2020
o Aantal bijkomende zonneboilers t. 2020
o Beoogd % percentage huishoudens met fotovoltaïsche zonnepanelen t. 2020
o Beoogd % van de afgelegde km’s door personenvoertuigen wordt vervangen door fiets
o …

De gemeente kan zelf méér ondernemen

Een groot deel van de concrete acties die in het actieplan vermeld worden dateren van de vorige legislatuur. Deze legislatuur zou nochtans ook nog heel wat zelf kunnen ondernemen.

Wat betreft mobiliteit wordt wel gesteld dat de gemeente het STOP-principe (eerst Stappen, dan Trappen, dan Openbaar vervoer, dan privé-vervoer) als strategie toepast, maar ontbreken sterke engagementen. Daarnaast worden acties opgenomen die elkaar kunnen tegenwerken: enerzijds wil men het autoverkeer in het centrum ontmoedigen (actie 15), anderzijds lanceert men de uitbouw van parking Borchtsite en het RUP hiervoor als een klimaatactie (actie 12), waarmee men evenwel dreigt het autoverkeer nog meer in het hart van het centrum te trekken. De opmaak van een parkeergeleidingsplan (actie 17) is blijkbaar een afzonderlijke actie, niet noodzakelijk gekoppeld aan de actie voor uitbouw van parking Borchtsite, waardoor niet verhinderd wordt dat die ontsloten wordt langs de Kattestraat.

Nergens wordt iets teruggevonden over acties om het (regen)waterbergend vermogen van de bodem te beschermen en (deels) te herstellen en om iets te doen aan de problematiek van regenwateropvang bij hevige regenbuien (die steeds vaker zullen plaatsvinden). Nochtans zou men ervoor kunnen zorgen bijkomende (volledig) verharde oppervlakten (bijv. bij parkings) zoveel mogelijk te vermijden; zou men kunnen onderzoeken of er geen onnodig verharde oppervlakten zijn die, indien haalbaar, opgebroken kunnen worden t.v.v. groenvoorzieningen of halfverhardingen. Ook zouden bedrijven hiertoe aangemoedigd kunnen worden. Past ook in dit plaatje (en te vinden in andere gemeentelijke klimaatactieplannen): gemeentelijke subsidies voor groendaken (voor warmte- en regenwaterbuffering van platte daken en voor tijdelijk vasthouden van water bij hevige regenval, wat meer en meer zal plaats vinden) en voor hergebruik van regenwater in particuliere woningen, daar waar dit nog niet wettelijk verplicht is. Subsidies voor deze twee acties zijn in Opwijk evenwel afgeschaft deze legislatuur. Of wordt die voor groendaken terug ingevoerd?? Subsidie voor groendaken wordt immers op blz. 42 vermeld als maatregel voor “versterken van groen-blauwe infrastructuur op openbaar domein”!

Wat betreft ‘biodiversiteit en natuur’ – o.m. van belang omdat ecosystemen zoals bossen zorgen voor klimaatregulering en voor opname en vasthouden van CO2 – is er wel sprake van het versterken van “groen-blauwe infrastructuur”, maar daarvoor wordt bijna uitsluitend gekeken naar de burgers : zij worden aangezet tot aanplanten van hagen, fruitbomen, kleine landschapselementen en groenbemesters. De gemeente zelf beperkt zich tot vergroening van straten (laanbomen) en duurzame beplanting in gemeentelijke perken… Nochtans, bij groen-blauwe infrastructuur gaat het in eerste orde om bossen, natuurgebieden, beken en valleigebieden. Voor de versterking van dergelijke gebieden moet in eerste orde gekeken worden naar de overheid (gemeente, Vlaamse overheid, provincie) en naar sterke, terreinbeherende natuurverenigingen. In tweede orde kan een beroep worden gedaan op particulieren, wetende dat dit steeds op vrijwillige basis zal zijn en dit eerder beperkte resultaten zal opleveren. Een grotere rol voor particulieren kan wel weggelegd zijn voor het verbinden van bos- en natuurgebieden via kleine landschapselementen (KLE). Wil men op dat laatste echt inzetten, dan veronderstelt dat toch een versterking en herschikking van subsidies waarbij gedacht moet worden aan hogere subsidies voor aanplanting van KLE in zones waarin best verbindingen tussen natuur- of bosgebieden worden gerealiseerd. Van dit alles is in het huidige klimaatactieplan weinig tot niets te merken, hoewel op blz. 39 als “Doelstellingen van de gemeente” worden vermeld:
– “Bosareaal behouden en mogelijk uitbreiden;
– Realiseren van meer natuur en groen;
– Versnippering van de natuur tegengaan;”

Voorstellen INZET:

– Herinrichting straten in centrum om voetgangers en fietsers daadwerkelijk voorrang te geven (verdere invoering fietsstraten in centrum is goed, maar is zonder bijkomende inrichtingsmaatregelen onvoldoende);
– Voorzien in ambitieuze doelstellingen voor aanleg van fietspaden (nu beperkt tot aanleg fietspaden op rondpunt Europaplein en Eeksksen en Mansteen, deel tot Grootveld), indien enigszins mogelijk conform het vademecum fietsvoorzieningen van de Vlaamse overheid;
– Idem voor (her)aanleg van voetpaden (geen concrete acties gevonden in actieplan);
– Daadwerkelijke herwaardering trage wegen (ondanks gemaakte beloftes is er van de uitvoering van een actieplan na inventarisatierondes nog niet veel te merken);
– Ga daadwerkelijk in overleg met De Lijn en buurgemeenten over de uitbreiding van het openbaar vervoer;
– Stel een gemeentelijk bereikbaarheidsgids op, met inventarisatie van de belangrijkste locaties: opstapplaatsen openbaar vervoer en bijhorende voorzieningen zoals parkings en fietsenstallingen, gemeentelijke gebouwen, parkings, oplaadpunten voor e-bikes, …
– Promoot autodelen, carpooling en vanpooling binnen bedrijven en erbuiten (cf. Vlaams Netwerk Autodelen);
– Zet de aanleg van gemeentelijk bos verder (bijv. door uitbreiding van het geboortebos), in uitvoering van en in de zones voorzien door het bestaande Opwijkse plan voor bosuitbreiding;
– Maak i.s.m. het Regionaal Landschap en/of in het kader van het project “Van Erembald tot Kravaal” een plan op voor verbinding van bestaande natuur- en bosgebieden via kleine landschapselementen;
– Zorg voor gepast onderhoud van de bestaande gemeentelijke bossen;
– Ondersteun lokale terreinbeherende natuurverenigingen in de verwerving van percelen in het buitengebied die passen binnen een ware groen-blauwe infrastructuur in onze gemeente;
– Herschik en versterk subsidies om particulieren daadwerkelijk aan te zetten tot mede-uitvoering van dat plan;
– Voeg in het klimaatactieplan een maatregel toe om het (regen)waterbergend vermogen van de bodem te beschermen en (deels) te herstellen en om iets te doen aan de problematiek van regenwateropvang bij hevige regenbuien. Voorzie in acties om hier uitvoering aan te geven, zoals: gemeentelijke subsidies voor hergebruik van regenwater in particuliere woningen en voor infiltratie van regenwater, telkens in de mate dit nog niet wettelijk verplicht is; gemeentelijke subsidies voor groendaken; zoveel mogelijk vermijden van bijkomende (volledig) verharde oppervlakten (bijv. bij parkings); onderzoek of er geen onnodig verharde oppervlakten zijn die, indien haalbaar, opgebroken kunnen worden t.v.v. groenvoorzieningen of halfverhardingen.

Besluit

Het voorliggend klimaatactieplan getuigt van te weinig ambitie, creativiteit en lange termijn doelstellingen. Verder wordt er volgens INZET te veel verantwoordelijkheid gelegd bij de burger. De overheid zou veel sturender kunnen/moeten optreden op weg naar het behalen van veel meer te concretiseren doelstellingen. Bovendien wordt te weinig participatief gewerkt op dit thema: input en betrokkenheid van burgers en lokale verenigingen zal nochtans cruciaal zijn willen we in Opwijk werkelijk een verschil maken. Incentives en stimuli ontbreken.
Heel wat van de vernoemde acties zijn overlappend of hebben slechts zijdeling te maken met klimaat. De belangrijkste acties zijn bovendien opgestart in het verleden, tijdens de vorige legislatuur.

Naast een aantal vage acties en weinig concrete doelen stellen wij ook een aantal inconsequenties vast (vb. afgeschafte subsidies die nu mogelijks opnieuw ingeschreven worden etc.).
Het is duidelijk dat dit klimaatactieplan geen echte prioriteit is voor de meerderheid.

Met de bovengenoemde voorstellen wil INZET een aanzet geven tot een alternatief klimaatactieplan voor de gemeente Opwijk.

DefaultImage

PERSBERICHT

INZET stelt ambitieuzer en concreter klimaatactieplan voor Opwijk voor

Op de gemeenteraad van 17 november staat de goedkeuring van het klimaatactieplan voor Opwijk geagendeerd. INZET las het met bijzondere aandacht en is enerzijds tevreden dat er eindelijk een plan is, maar anderzijds teleurgesteld over de inhoud. “Het gaat niet ver, volgens ons ook helemaal niet ver genoeg, is niet concreet en mist ambitie. Bovendien missen wij een lange termijn kader en doelen en wordt er teveel verantwoordelijkheid gelegd bij de burger alleen,” zegt Luc De Ridder.

Inzetten op langere termijn
De verwachtingen bij INZET worden niet ingelost. Luc De Ridder duidt: “Vooreerst getuigt het plan van te weinig ambitie, creativiteit en lange termijn doelstellingen. We missen een breder kader. Er wordt enkel melding gemaakt van het huidige, minimaal gevraagde engagement van vermindering van CO2 met 20% tegen 2020. Ondertussen kijken de Europese Commissie en ook de provincie Vlaams-Brabant al verder. De provincie wil naar klimaatneutraliteit tegen 2040. Over de gemeentelijke bijdrage daaraan vinden we niks terug. De huidige doelstellingen zijn een eerste stap, wij willen ook graag zien waar we finaal naartoe gaan.”

Inzetten op participatie en extra stimuli
Verder wordt er volgens INZET te veel verantwoordelijkheid gelegd bij de burger. “De overheid zou veel sturender kunnen optreden op weg naar het behalen van veel meer te concretiseren doelstellingen. Bovendien is er veel te weinig participatief gewerkt op dit thema. Terwijl het duidelijk is dat input en betrokkenheid van burgers en lokale verenigingen cruciaal zal zijn willen we in Opwijk werkelijk een verschil maken,” aldus de Ridder. Al is het volgens INZET nog niet te laat: “In andere gemeenten gaat de participatie van de burgers veel verder, soms ludiek, soms ernstig, maar steeds in functie van het draagvlak over het thema. Ons voorstel is dan ook: organiseer alsnog zulke participatieve acties naar diverse doelgroepen. Dit moet ook nog mogelijk zijn terwijl het actieplan loopt. Het kan leiden tot uitdieping en verruiming ervan.”
Incentives en stimuli ontbreken ook: “We zien geen afdoend budgettair kader en zelfs een aantal inconsequenties. Zo werden begin deze legislatuur enkele bevorderende subsidies afgeschaft, die nu weer opduiken in het actieplan. Omdat ‘huishoudens’ (residentiële woningen) en ‘particulier en commercieel vervoer’ voor respectievelijk 41% en 40% van de CO2-uitstoot in onze gemeente verantwoordelijk zijn, is het logisch dat voor zeer vele acties beroep wordt gedaan op de burger. Wat daar tegenover wordt gesteld vanuit de gemeente is voor een groot stuk sensibilisatie, kennisoverdracht, promotie van ondersteuning door andere overheden en organisaties en het uitvoeren van energiescans en -testen. Er zijn evenwel slechts een beperkt aantal acties waarbij de gemeente burgers mee begeleidt en ondersteunt bij het ondernemen van concrete acties. Zo is de actie ‘Samenaankoop dakisolatie i.s.m. Lokaal Woonbeleid’ de enige dergelijke actie.” Wat betreft ‘biodiversiteit en natuur’ is er wel sprake van het versterken van ‘groen-blauwe infrastructuur’, maar daarvoor wordt bijna uitsluitend gekeken naar de burgers : “Zij worden aangezet tot aanplanten van hagen, fruitbomen, kleine landschapselementen en groenbemesters. De gemeente zelf beperkt zich tot vergroening van straten (laanbomen) en duurzame beplanting in gemeentelijke perken.”

Inzetten op concrete, nieuwe doelstellingen
Heel wat van de vernoemde acties zijn overlappend, vaag of hebben slechts zijdeling te maken met klimaat. “De belangrijkste acties zijn bovendien opgestart in het verleden, tijdens de vorige legislatuur,” zo zegt Pol Verhaevert. “Daarnaast worden acties opgenomen die elkaar kunnen tegenwerken: enerzijds wil men het autoverkeer in het centrum ontmoedigen, anderzijds lanceert men de uitbouw van parking Borchtsite en het RUP hiervoor als een klimaatactie, waarmee men evenwel dreigt het autoverkeer nog meer in het hart van het centrum te trekken.” Verder vindt Verhaevert als ex-schepen van verkeer dat er ook op het vlak van mobiliteit kansen blijven liggen: “Overleg met buurgemeenten en met De Lijn voor beter openbaar vervoer, stel een duidelijk plan op ter verbetering van fiets- en voetpaden, maak werk van de trage wegen en maak de nodige budgetten vrij. Dat waren keuzes die ik als schepen reeds maakte, maar die nu blijkbaar niet meer belangrijk zijn.”

Duidelijk geen prioritair thema
Het is duidelijk dat dit klimaatactieplan geen echte prioriteit is voor de meerderheid. “Deze meerderheid maakt andere keuzes maar wil dat niet zo gezegd hebben. De combinatie van de bovenstaande elementen doet ons besluiten dat ze niet echt geneigd is om heel actief met het klimaatprobleem en de doelstellingen om te gaan. Immers mist het plan concrete acties en ambitie op dat vlak. Bovendien ontbreekt het aan voorbestemde middelen om minstens een beperkt klimaatbeleid te voeren zoals het hoort.”

Op haar website presenteert INZET dan ook een heel aantal voorstellen om het klimaatplan bij te werken en te doen evolueren tot een volwaardig plan voor de toekomst. Meer info op www.inzetopwijk.be.

DefaultImage

TOEGEVOEGDE PUNTEN VAN INZET

Ethische clausule in bestekken

Op de gemeenteraad van 26 mei werd het toegevoegd punt van de INZET-fractie besproken waarmee gevraagd werd een ethische clausule op te nemen in bestekken voor openbare werken voor de uitvoering waarvan natuursteen wordt gebruikt. Het kwam erop neer in de bestekken garanties te eisen dat, indien natuursteen wordt gebruikt bij de aanleg van pleinen, parkings etc., die stenen gewonnen werden in omstandigheden die de basisrechten van arbeiders respecteren en dat geen kinderarbeid is ingezet bij het productieproces of elke daaraan gerelateerde werkzaamheid. Het is nu immers duidelijk dat natuursteen uit bepaalde regio’s gewonnen wordt in omstandigheden die een flagrante schending van rechten van arbeiders en kinderen uitmaken.

De waarnemend burgemeester stelde op de zitting van 26 mei hiertegen geen principieel bezwaar te hebben, maar om reden dat het kabinet of de administratie van Vlaams minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en armoedebestrijding nog een voorstel zou uitwerken voor de gemeenten, wenste hij dit voorstel af te wachten. Het standpunt van de INZET-fractie was dat hier niet op hoefde gewacht te worden, omdat het een bevoegdheid en verantwoordelijkheid van de gemeentebesturen betreft. De waarnemend burgemeester beloofde vervolgens dat tegen volgende gemeenteraad het voorstel van de Vlaamse Overheid wel beschikbaar zou zijn, zo niet zou de gemeente zelf iets voorstellen.

Omdat er evenwel op de agenda van de gemeenteraad van 23 juni geen voorstel van ethische clausule is geagendeerd, is de INZET-fractie zo vrij zelf een voorstel te agenderen.

Het gaat om een pasklare ethische clausule die aangeboden wordt door het departement Bestuurszaken van de Vlaamse Overheid en die volgens dat departement integraal kan worden overgenomen in de uitvoeringsvoorwaarden van iedere overheidsopdracht. De clausule is ingegeven door de vaststelling dat hoewel quasi alle landen de 5 basisnormen van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) hebben geratificeerd, er toch nog steeds heel wat inbreuken tegen gebeuren. Zoals voormeld departement aangeeft, en wat laatst nog eens bevestigd is wat betreft natuursteen afkomstig van bepaalde regio’s in Indië, worden sommige goederen in onaanvaardbare werk- en sociale omstandigheden geproduceerd in lageloonlanden en in een aantal gevallen staan de arbeidskrachten er bloot aan ernstige gezondheids- en veiligheidsrisico’s. Overheden moeten dan ook al het mogelijke doen, aldus departement Bestuurszaken, om te voorkomen dat ze goederen aankopen die zijn vervaardigd in omstandigheden die in strijd zijn met deze basisnormen.

De clausule luidt als volgt:

“De inschrijver verbindt er zich toe, tot de volledige uitvoering van de opdracht en doorheen de ganse toeleveringsketen, toe te zien op de nalevering van de 5 basisnormen van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO):
1. Het verbod op dwangarbeid (conventies nr.° 29 betreffende de gedwongen of verplichte arbeid, 1930, en nr.° 105 betreffende de afschaffing van de gedwongen arbeid, 1957)
2. Het recht op vakbondsvrijheid (conventie nr.° 87 betreffende de vrijheid tot het oprichten van vakverenigingen en de bescherming van het vakverenigingsrecht, 1948);
3. Het recht van organisatie en collectief overleg (conventie nr.° 98 betreffende het recht van organisatie en collectief overleg, 19 49);
4. Het verbod op discriminatie inzake tewerkstelling en verloning (conventies nr.° 100 betreffende de gelijke beloning, 1951 en n r.° 111 betreffende discriminatie (beroep en beroepsuitoefening), 1958);
5. De minimumleeftijd voor kinderarbeid (conventie nr. ° 138 betreffende de minimumleeftijd, 1973), alsook betreffende het verbod op de ergste vormen van kinderarbeid (conventie nr.° 182 over de ergste vormen van kinderarbeid, 1999).”

Voorstel van beslissing:
Akkoord van de gemeenteraad om deze ethische clausule op te nemen in de bestekken van de overheidsopdrachten van de gemeente Opwijk.

—————————————-

De herziening van het gemeentelijk structuurplan

Het is geleden van 6 oktober 2014 dat de stuurgroep voor de herziening van het structuurplan nog is samen gekomen.
Op die laatste vergadering kregen de leden van de stuurgroep gedurende 14 dagen de tijd om opmerkingen of bemerkingen in te dienen bij de voorzitter/of secretaris van de stuurgroep op de tekst die op dat moment voorlag.
Ik heb toen enige bladzijden met commentaar en bedenkingen toegezonden aan de secretaris van de stuurgroep. Maar sindsdien blijven we in het ongewisse. Wat is er met die bedenkingen en opmerkingen van anderen gebeurd? Hoe ziet de definitieve tekst eruit?
Het lijkt toch logisch dat de stuurgroep opnieuw bijeenkomt wanneer de definitieve versie klaar is, alvorens men het officieel overleg organiseert met de hogere overheden.
Ik stel vast dat de tekst ondertussen is overgemaakt aan de Bestendige Deputatie en aan het Vlaamse Gewest, zonder dat de stuurgroep de gelegenheid heeft gehad om kennis te krijgen van deze ‘definitieve’ tekst.
Als de meerderheid overleg ernstig neemt, waarom werd dan de stuurgroep niet opnieuw bijeen geroepen om kennis te krijgen van de tekst die gebruikt werd voor het officieel overleg met de hogere overheden?

—————————————

Vertegenwoordiging in werk- en stuurgroepen.

Op de GECORO van 8 juni laatstleden werd een toelichting gegeven over het zgn. Masterplan Mazenzele en de stand van zaken van dit in opmaak zijnde plan. We konden er vernemen dat de opmaak (mee) begeleid wordt door een werkgroep waarin o.m. betrokkenen als de kerkfabriek en vertegenwoordigers van bepaalde lokale organisaties zijn opgenomen. Dat is goed, zoals ook het initiatief zelf om een masterplan op te maken en dit voor veel meer dan het pleintje aan de kerk en de zone van zaal Hautekeet. De vertegenwoordigers van de in de gemeenteraad vertegenwoordigde fracties konden er ook vernemen dat er reeds bepaalde pistes zijn onderzocht voor herinrichting van het dorpsplein en voor aanpak van de mobiliteits- en parkeerproblematiek in die zone. Waardevol onderzoek, vinden ook wij vanuit de INZET-fractie. Wat wij evenwel betreuren, is dat wij als fractie en als gemeenteraadsleden hier niet in gekend worden. Via persartikelen, partijblaadjes en nu een gemeentelijke adviesraad en Opwijk Info! vernemen wij beetje bij beetje welke richting het masterplan uitgaat. Een toelichting aan de gemeenteraad over de stand van zaken van het Masterplan lijkt ons dringend nodig, temeer nu reeds aan de gemeenteraad punten ter beslissing worden voorgelegd waarvan in de motivering wordt verwezen naar het Masterplan Mazenzele (zie punt 14 van de dagorde van de gemeenteraad van 23 juni). Bovendien vragen wij dat elke in de gemeenteraad vertegenwoordigde fractie de mogelijkheid zou krijgen om via de/een begeleidende werk- of stuurgroep inspraak te krijgen in de verdere opmaak van het plan. Wij zijn vanuit de oppositie alleszins bereid positief mee te werken aan een dergelijk masterplan. Meer nog, als lokale democratie en dus de gemeenteraad ernstig wordt genomen, dan is het niet meer dan logisch dat elke fractie de mogelijkheid krijgt mee te participeren in de opmaak van het Masterplan, temeer daar dit een visie en doelstellingen uitwerkt die in principe legislatuur overschrijdend zijn.

Voorstel van beslissing:
Principebeslissing om zo spoedig mogelijk elke in de gemeenteraad vertegenwoordigde fractie te laten vertegenwoordigen in de werk- of stuurgroep die de (verdere) opmaak van het Masterplan Mazenzele begeleidt.

DefaultImage

Persbericht

INZET schenkt 250 euro aan De Wereld van Indra en aan Schrift-uur

Aan het begin van de huidige bestuursperiode besliste de meerderheid om de vergoedingen voor de gemeente- en OCMW-raadsleden op te trekken. INZET ging hier niet mee akkoord en engageerde zich om de verhoging van de presentiegelden te besteden aan goede doelen die een link hebben met Opwijk. Vorig jaar viel de keuze op een weeshuis in Tanzania, waar de Opwijkse Els Dalle bij betrokken is. Dit jaar krijgen De Wereld van Indra en Schrift-uur elk 250 euro.

‘Met De Wereld van Indra en Schrift-uur kiezen we voor projecten die kansen geven aan kinderen en jongeren die om de één of andere reden door de mazen van het net dreigen te glippen,’ stelt voormalig schepen van jeugd Marijke De Vis. ‘Ook in een gemeente als Opwijk zijn er problemen, al zijn ze vaak niet zo zichtbaar als in een grootstad. We denken dat het gemeentebestuur een belangrijke rol kan spelen door met dergelijke projecten samen te werken en hen waar nodig ondersteuning te bieden.’

Inzet schenkt zitpenning weg 002 © Erik Gyselinck

De Wereld van Indra
De Wereld van Indra richt zich tot jongeren tussen 6 en 18 jaar die uit het regulier schoolcircuit dreigen te vallen of reeds gevallen zijn. ‘We willen een alternatieve plek zijn waar deze jongeren tot rust kunnen komen, zichzelf ontdekken en de energie kunnen putten om de draad naar een opleiding en toekomst terug op te pikken,’ vertelt Inge Colen, initiatiefneemster van het project. ‘We bieden een dagbesteding aan voor jongeren voor wie tijdelijk voltijds of deeltijds schoollopen erg moeilijk blijkt door een sociaal-emotionele en/of gedragsmatige problematiek.’

Schrift-uur
Schrift-uur is een initiatief van de pastorale zone Effata waarbij huiswerkbegeleiding georganiseerd wordt voor meisjes en jongens uit (kans)arme gezinnen. ‘Armoede op het platteland bestaat, maar is iets minder zichtbaar. Langs goed onderwijs krijgen kinderen en jongeren hefbomen in handen om uit de kringloop van de armoede te ontsnappen. Onze scholen doen veel om kinderen uit kansarme gezinnen te ondersteunen en te stimuleren. Jammer genoeg bestaat er in veel van deze gezinnen geen traditie om de inspanningen van de school thuis op te volgen. Daarom zijn we gestart met de huistaakbegeleiding van kansarme kinderen,’ aldus Guido Bouchez van Schrift-uur.

Wie een project denkt te hebben dat voor ondersteuning in aanmerking kan komen, kan steeds contact opnemen met het secretariaat van INZET (inzet@telenet.be).

DefaultImage

INZET vraagt wekelijkse ophaling GFT in de zomer

Op de gemeenteraad van 26 mei lanceerde Luc De Ridder namens INZET een voorstel om het gemeentelijk afvalbeleid bij te sturen. Eén van de ideeën hieruit is de invoering van een wekelijkse ophaling van het GFT-afval, de ‘groene zak’ dus.

Sinds vorige zomer is in de zomermaanden een wekelijkse i.p.v. tweewekelijkse ophaling van restafvalzakken. Op zich geen slecht idee, al zorgt dit er wel voor dat er in die periode heel wat gescheiden in te zamelen en recycleerbaar afval (vermoedelijk voornamelijk groenten-, fruit- en tuinafval: GFT) in de restafvalzakken verdwijnt. Dit kan uiteraard niet de bedoeling zijn. Bovendien levert het de gemeente (en dus ook de gemeenschap) een meerkost op.

‘We stellen daarom voor om in de periode van juni tot september een wekelijkse i.p.v. een tweewekelijkse ophaling van GFT-afval te organiseren,’ stelt Luc De Ridder. ‘Die wekelijkse ophaling van GFT in de zomermaanden is sowieso aangewezen, gelet op het feit dat de te gebruiken zakken composteerbaar zijn en dus bij warm weer gemakkelijker doorscheuren.’

DefaultImage

INZET vraagt clausule in bestekken openbare werken over herkomst natuursteen

Opwijk – Uit recente berichten in de media blijkt dat heel wat van de uit Indië afkomstige natuursteen die onder de vorm van klinkers en kasseien wordt aangeboden op de Belgische markt gewonnen werd en wordt in steengroeven waar basisrechten van arbeiders fundamenteel geschonden worden en waar kinderarbeid schering en inslag is. Het is daarbij een spijtige vaststelling dat ook voor de aanleg van publieke pleinen, straten en parkings in opdracht dus van openbare besturen, dergelijke stenen massaal zijn gebruikt, mede als gevolg van het feit dat zij relatief goedkoop zijn.

Luc De Ridder: “Daarom vinden wij ook dat in bestekken voor openbare aanbestedingen garanties zouden moeten worden geëist dat de te gebruiken stenen gewonnen zijn in omstandigheden die de basisrechten respecteren en waarbij geen kinderarbeid is ingezet bij het productieproces of elke daaraan gerelateerde werkzaamheid. Nu het voor iedereen duidelijk is dat natuursteen die uit bepaalde regio’s afkomstig is, is gewonnen met flagrante schending van rechten van kinderen en arbeiders kunnen openbare besturen ook niet meer stellen dat ze niet op de hoogte zijn.”

Aangezien er ook in Opwijk nog openbare werken in het verschiet liggen waarbij mogelijk natuursteen wordt gebruikt als klinker of kassei – denk aan de aanleg van parkings en de heraanleg van de dorpscentra – vraagt INZET dat in de bestekken voor dergelijke werken de vermelde garantie wordt opgenomen. “Mocht blijken dat geen ernstige garanties verstrekt kunnen worden voor stenen afkomstig uit bepaalde regio’s, dan stellen wij voor dat in afwachting van verbeteringen in die regio’s, in het bestek wordt aangeduid dat voor de werken in kwestie geen stenen daaruit afkomstig mogen aangewend worden,” zegt Luc De Ridder.

INZET vindt een dergelijke benadering van bestekken noodzakelijk omdat “wij ons niet kunnen voorstellen dat belastinggeld mede besteed wordt aan producten die gewonnen zijn in omstandigheden die gepaard gaan met fundamentele schendingen van mensenrechten. De gemeente heeft hier een belangrijke rol op te nemen.”

DefaultImage

Meer dan 1600 euro per maand voor Opwijkse rusthuisbewoners

OPWIJK – Op de OCMW-raad van januari stelde de meerderheid voor om een nieuw tarievendossier in te dienen bij de hogere overheid voor een mogelijke verhoging met 5% van de dagprijs van het rustoord. Die verhoging werd goedgekeurd. Inwoners van het rustoord krijgen daarmee de derde verhoging in 1 jaar tijd te verwerken en betalen vanaf 1 oktober 52,40 euro per dag of meer dan 1600 euro per maand voor hun verblijf. INZET vindt dit van het goede teveel.

Door in het tarievendossier een verhoging van 5% te vragen hoopte het college om de helft of 2,5 % verhoging te kunnen verkrijgen, zo verklaarde schepen De Smet destijds. Maar de verhoging werd voor de volle 5% toegekend. “Er werden nog maar pas twee verhogingen van de dagprijs doorgevoerd: een eerste in april 2014 (49,09 euro/dag voor inwoner Opwijk), een tweede in oktober 2014 (dagprijs 50,32 euro voor inwoner Opwijk). Nu opnieuw een verhoging is teveel van het goede,” stelt Joke Longin, OCMW-raadslid voor INZET.

1600 euro per maand

De verhoging is noodzakelijk voor het financieel evenwicht, zo klinkt het bij de meerderheid. “Het OCMW van Opwijk draait inderdaad niet break even, elk jaar moet de gemeente een aanzienlijk bedrag bijpassen. Het gaat hier over belangrijke maatschappelijke- en beleidskeuzes. Uiteraard moeten de uitgaven in het oog gehouden worden, maar alles proberen oplossen met een nieuwe tariefverhoging op kap van de inwoners van het rustoord kan voor INZET niet,” aldus Joke Longin. “Zeker niet omdat we eind vorig jaar aanpassingen op het gebied van het personeel binnen het OCMW goedgekeurd hebben met een hogere personeelskost tot gevolg. Vervolgens langs de andere kant meer bijdragen van de inwoners vragen is niet verdedigbaar.”

Feit is dat de prijs voor het rustoord ondertussen in 1 jaar tijd met maar liefst 12,5 % gestegen is. Dat terwijl de prijzen in Vlaanderen de laatste drie jaar met 10% omhoog gingen. Schepen De Smet minimaliseert de verhogingen tot ‘maar 1 euro per dag hoger dan voorzien’ en ‘nog steeds goedkoper dan de buren van Merchtem en Asse’. “1 euro per dag betekent 365 euro per jaar,” zegt Longin. “Bovendien is de dagprijs in buurgemeente Lebbeke bijvoorbeeld lager met 46,45 euro.”

Met de huidige dagprijs in Opwijk van 52,40 euro betaalt een bewoner nu 1.624,4 euro per maand van 31 dagen, opnieuw meer dan het Vlaams gemiddelde van 1512 euro. “Dat is erg veel als je weet dat het gemiddelde pensioen 1212 euro bedraagt. En dan houden we nog geen rekening met een extraatje zoals een uitstap, dokters- of kappersbezoek of een cadeautje voor kinderen en kleinkinderen bij feestdagen.”

Wel onvrede bij bewoners

Tot slot heeft INZET bedenkingen bij de uitspraken van schepen Patrick De Smet dat er bij de vorige verhoging amper reactie was van de bewoners en dat bewoners blijkbaar begrip hebben voor de inhaalbeweging. “Uit contacten met de bewoners blijkt dat er toch heel wat onvrede heerst over de opeenvolgende prijsstijgingen. Wij begrijpen wel dat de mensen dit niet meteen aan de schepen of aan het personeel vertellen, maar dat wil niet zeggen dat men dit zonder meer goed vindt,” aldus INZET.

DefaultImage

INZET ijvert voor doordacht beleid over afval in Opwijk:

“Beperk het afvalbeleid niet tot een tariefwijziging alleen.”


Om een oplossing te bieden aan het sterk gedaalde bezoek aan het containerpark en de problemen die daaruit volgen stelt schepen Inez De Coninck voor om het toegangsgeld af te schaffen en het tarief te verlagen van 0,16 euro per kilogram naar 0,10 euro per gezin voor de eerste 500 kilogram. INZET beaamt dat er een oplossing moet komen en deed daartoe ook voorstellen, maar betreurt dat het beleid omtrent afval beperkt wordt tot een tariefwijziging. “Het bestuur zou de tariefaanpassing kaderen in een breder beleid, maar dat blijft voorlopig uit,” zegt Luc De Ridder. Daarom doet INZET opnieuw een aantal voorstellen.

Vooreerst volgt INZET het idee van schepen De Coninck om het tarief te verlagen. Anders echter dan de lineaire verlaging, pleit Luc De Ridder ervoor dat alle fracties waarvoor betaald moet worden, maar die te recycleren zijn, merkelijk goedkoper moeten zijn dan niet recycleerbaar grofvuil. De prijs voor de verschillende recycleerbare fracties moet daarbij uniform zijn. “De prijs voor de grofvuilfractie kan op 0,16 euro/kg blijven. Voor die van de recycleerbare fracties stellen we voor 0,04 euro/kg, maar als dit om redenen van betaalbaarheid voor de gemeente kan verantwoord worden, kan dit stijgen tot 0,07 euro/kg. Dat is een echte invulling van het vervuiler-betaalt-principe.” En ook over de verlaging van het minimumtarief volgt INZET de redenering van de schepen: “Het forfaitair bedrag van 5 euro moet lager. Gelet op de voorgesteld verlanging voor recycleerbare fracties is een minimumbijdrage van 2 euro te verantwoorden.”

Gratis ophaling snoeihout en bijkomende ophaling GFT-afval

INZET wil de aanpassing niet beperken tot een tariefaanpassing en is bijkomend voorstander van een aanpassing van de ophalingen aan huis door Haviland. De Ridder: “Van juni tot september een wekelijkse in plaats van tweewekelijkse ophaling van GFT ter vervanging van of aanvullend op de wekelijkse ophaling van restafval in de zomer, die we zouden behouden. Dat zal er voor zorgen dat het GFT-afval minder terechtkomt bij het restafval zoals nu het geval is. Bijkomend stellen wij een gratis ophaling van snoeihout aan huis voor, tweemaal in maart/april en tweemaal in november/december. Als compensatie zouden wij de ophalingen en het hakselen aan huis door de gemeentelijke diensten afschaffen.”

Sensibiliseringscampagne en compostmeersterwerking naar de buurten

Als sluitstuk vraagt INZET om een informatie- en sensibilisatiecampagne over afvalvoorkoming en -recyclage met specifieke aandacht voor het thuis bijhouden en ‘verwerken’ van GFT-afval en snoeihout. “Een idee is ook om een compostmeesterwerking naar de buurten te brengen en tegen een voordelige prijs geurvrije, kleine GFT-bakjes te verkopen voor het bewaren in huis/appartement van GFT-afval tot de volgende ophaling,“ besluit Luc De Ridder.

DefaultImage

Het afvalbeleid in Opwijk laat volgens INZET te wensen over. Wij stellen ondertussen samen met heel wat andere inwoners vast dat het recyclagepark slechts zeer beperkt wordt bezocht, dat Opwijkenaren hun vuilnis dumpen in containerparken in buurgemeenten, dat er meer aan sluikstorten wordt gedaan en dat inwoners afval dat enigszins in de witte vuilniszak past via die weg meegeven in plaats van het naar het recyclagepark te brengen. Naast die vaststellingen hebben wij ook grondig nagedacht over alternatieven en oplossingen, met 3 concrete voorstellen. Hierbij bezorgen wij u ons voorstel, dat wij ook aan het college zullen overmaken. Wij menen dat met afval doordacht moet worden omgegaan en dat dat een actief, maar vooral door de bevolking gesteund beleid vereist. Alleen zo kan het afvalbeleid een succes worden en bijdragen tot en leefbaardere gemeente.

INZET-voorstel voor bijsturing van het gemeentelijk afvalbeleid en de uitbating van het recyclagepark:

Voor alle niet-gratis af te leveren, maar wel recycleerbare afvalfracties betaalt de Opwijkenaar momenteel op het containerpark evenveel als voor grofvuil, namelijk 0,16 euro/kg, terwijl grof vuil niet te recycleren restafval is. Dit is verre van logisch. Het ontmoedigt gescheiden inzameling. Het strookt niet met het principe ‘de vervuiler betaalt’. En de kostprijs van 0,16 euro voor alle betalende fracties (groenafval, bouwafval, hout, vlakglas, plastics, snoeihout, …) zet mensen aan tot niet-milieuvriendelijke alternatieven en eigen ‘oplossingen’, die bovendien gepaard gaan met een maatschappelijke meerkost: wat niet te groot of te zwaar is, verdwijnt in de restafvalzak (en wordt dus niet gerecycleerd), wordt afgevoerd naar andere recyclageparken waar men (voorlopig) geen dergelijke tarieven hanteert, of erger, wordt ergens gedumpt als sluikstort …

En intussen geeft het vergrote Opwijkse recyclagepark een desolate indruk: ook op anders drukke momenten zoals zaterdagnamiddag zijn er haast geen bezoekers.

1. Voorstel nieuwe aanpak containerpark:

o Uitgangspunt: behouden van een hogere prijs voor grofvuil, maar combineren met een lagere prijs voor alle andere fracties die niet gratis zijn (hout, steenpuin, asbest (meer dan 100 kg), groenafval, snoeihout, …). Men zou dus de huidige 0,16 euro/kg kunnen houden voor grofvuil (dit zou de kostprijs benaderen voor Haviland om het af te voeren). MAAR, voor alle andere fracties die niet gratis zijn hanteert men best een merkelijk lager en – om het praktisch werkbaar te houden – uniform tarief van bijv. 0,04 euro/kg (25% van de prijs die men hanteert voor grofvuil). De prijzen voor grofvuil enerzijds en voor de andere betalende fracties anderzijds kunnen eventueel anders zijn, maar de prijs van de laatst vermelde fracties moet altijd beduidend lager zijn dan die van grofvuil;

Praktisch: hoe gaat dit in zijn werk? Mensen hebben slechts sporadisch niet te recycleren grofvuil hebben. Hiermee kan men dan een keertje apart rijden. Andere betalende, maar recycleerbare en dus veel goedkopere fracties zal men vaker hebben (groenafval, steenpuin, hout, vlak glas, plastics, …). Wenst men grofvuil toch samen met die fracties aan te bieden, dan zorg je er voor dat de verschillende fracties goed gesorteerd zijn in je (bestel)wagen of aanhangwagen en rij je tweemaal door het betalend gedeelte. Je kan dit ook vermijden door grofvuil aan huis te laten ophalen door Haviland (momenteel al ‘op afroep’ en tegen betaling op 2 vaste dagen per jaar; men kan overwegen dit uit te breiden naar 3 of 4 vaste dagen);

o Het minimaal te betalen bedrag van 5 euro (op het betalend gedeelte van het park) vormt duidelijk een te hoge drempel. Dit bedrag moet dan ook beduidend lager of moet worden afgeschaft. In samenhang met de aanmerkelijk lagere prijs die we voorstellen voor te recycleren betalende fracties (van 0,16 euro/kg naar 0,04 euro/kg), lijkt een minimaal te betalen bedrag van 2 euro ons verantwoord.

2. Voorstel ophalingen aan huis:

o Sinds vorige zomer vindt in de zomermaanden een wekelijkse i.p.v. tweewekelijkse ophaling plaats van restafvalzakken (witte). Dit zorgt er echter voor dat in die periode heel wat gescheiden in te zamelen en recycleerbaar afval (vermoedelijk voornamelijk groenten-, fruit- en tuinafval: GFT) in de restafvalzakken verdwijnt. Het heeft dus een zeer nadelig effect dat bovendien voor de gemeente én de gemeenschap een meerkost oplevert. Indien het bestuur de wekelijkse ophaling van restafval in de zomermaanden wenst te behouden (bijv. omdat daarin ook maaltijdresten en andere verwerkte voeding, luiers etc. terecht kunnen), dan stellen wij voor om in de periode van bijv. juni tot september ook een wekelijkse i.p.v. tweewekelijkse ophaling van GFT te laten doen. Die wekelijkse ophaling van GFT in de zomermaanden is sowieso aangewezen, gelet op het feit dat de te gebruiken zakken composteerbaar zijn en het bijhouden ervan in die periode problematisch kan zijn (niet iedereen beschikt ook over een tuin, waar men GFT zelf kan composteren);

o Daarnaast stellen we een gratis ophaling aan huis voor (door Haviland) van snoeihout enkele malen per jaar (is nu ook zo in Merchtem: 2x in maart en 2x in november). Bijgevolg stellen we eveneens voor om de ophalingen en het hakselen aan huis door de gemeentelijke diensten af te schaffen. De tijd die daardoor vrijkomt, kan de betrokken dienst besteden aan het onderhoud van het gemeentelijk groen. Er zal dan tevens niet meer moeten geïnvesteerd worden in het onderhoud en herstel van de mobiele hakselinstallatie.

3. Informatie- en sensibliseringscampagne over afvalvoorkoming, afvalrecyclage etc.

Daarbij rekening houdend met o.m. volgende aandachtspunten:

o GFT-afval (vormt groot deel van ons afval):

§ de compostvaten die de gemeente nu al ter beschikking stelt: bijkomende tips geven voor plaatsing en adequaat gebruik;

§ we stellen voor om door de gemeente handige, geurvrije, kleine gft-bakjes ter beschikking te stellen aan een voordelige prijs: handig voor wie op een appartement woont of voor wie in de keuken op een hygiënische manier GFT wil inzamelen;

§ we stellen voor na te gaan of voor de compostmeesterwerking niet kan samengewerkt worden met buurtcomités. Demosessies zouden in de buurten kunnen gegeven worden: ‘demosessies naar de mensen brengen, i.p.v. de mensen naar de demosessies’;

§ voorkomen van afvoer van gazonmaaisel via GFT-zakken of recyclagepark: info geven over traaggroeiende grassen en mulchmaaiers;

o Snoeihout (zorgt periodiek ook voor grote hoeveelheden):

§ kan verwerkt worden in de eigen tuin (transport kan dus vermeden worden), bijv. in takkenwallen of, verhakseld, in snipperwanden = voorbeelden van kringlooptuinieren. Wat dit betreft, stellen we tevens voor te zorgen voor voldoende voorbeeldprojecten op gemeentelijk domein, voldoende verspreid in de gemeente en deelgemeenten. Ook hier kan voor het promoten van de verwerking in eigen tuin een samenwerking tussen compostmeesterwerking en buurtcomités overwogen worden;

DefaultImage

PERSBERICHT

Leefloners activeren, maar niet met vrijwilligerswerk

INZET verwerpt het voorstel van de meerderheidspartijen in de OCMW-raad over tewerkstelling van leefloners via ‘gemeenschapswerk’. “Want hoewel we wel staan achter de filosofie van activering en re-integratie, vinden we het huidige voorstel ondermaats, onvolledig en kort door de bocht. Er bestaan vandaag al andere instrumenten om deze mensen te activeren,” zegt OCMW-raadslid Joke Longin.

De meerderheidspartijen legden op de laatste OCMW-raad een dossier ter stemming dat leefloners twee volle dagen of vier halve dagen per week wil laten werken onder de vorm van ‘gemeenschapsdienst’. Daarvoor ontvangen ze een vrijwilligersvergoeding van 10 euro per dag, bovenop het leefloon. “Het voorstel klinkt op het eerst zicht goed in de oren en men legt de nadruk op het vrijwillig karakter,” zegt raadslid voor INZET Joke Longin, “maar wie het dossier ten gronde bekijkt kan niet anders dan er zich ernstige vragen bij stellen.”
Beter investeren in de bestaande instrumenten

INZET is niet tegen de filosofie van activering van leefloners. “Activatie moet in functie staan van re-integratie, taalvaardigheid, het aanleren van arbeidsethiek, het helpen om een job te vinden … OCMW’s hebben al instrumenten die burgers op weg moeten helpen naar maatschappelijke integratie, zoals trajectbegeleiding in het kader van artikel 60.” Via dat artikel in de OCMW-wet zorgt het OCMW voor een job voor mensen die uit de arbeidsmarkt zijn gestapt of gevallen. Het doel is hen terug inschakelen in het stelsel van de sociale zekerheid en in het arbeidsproces. Het OCMW is dan de juridische werkgever en kan de persoon in eigen diensten tewerkstellen of ter beschikking stellen van een derde werkgever. Het ontvangt daarvoor een subsidie van de federale overheid voor de duur van de tewerkstelling en geniet als werkgever van een vrijstelling van werkgeversbijdragen.

Longin: “De investering zou zich beter concentreren op het versterken van die trajecten in plaats van op het creëren van een tweede systeem. Men zou ook moeten zorgen voor doorstroming naar een vaste job via aangepaste examens. Het is niet voldoende te activeren als er daarna geen jobs voorhanden zijn. En als die activatie voor een groep leefloners niet de oplossing blijkt, waarom zou het vrijwilligerswerk of de ‘gemeenschapsdienst’ dit dan wel zijn?”
Dat laatste wordt trouwens wetenschappelijk bevestigd: Nederlands onderzoek over – weliswaar meer in een systeem van verplicht – vrijwilligerswerk bij steuntrekkers toonde aan dat dat niet leidt niet tot een langdurige tewerkstelling. Integendeel: het zelfbeeld wordt lager, samen met het zelfvertrouwen, wat de zoektocht naar een volwaardige job nog bemoeilijkt.

Teveel onduidelijkheden, losse flodder
Het leefloon vormt het allerlaatste vangnet. “Dit koppelen aan een plicht tot arbeid zonder degelijke verloning, arbeidscontract, bescherming, rechtenopbouw, … kunnen wij niet goedkeuren. In het kader van artikel 60 bouwt men bovendien rechten op voor een werkloosheidsuitkering, een pensioen … wat niet het geval is in het voorliggend systeem,” zegt Longin.
Het is verder onduidelijk welke sanctie volgt voor wie de arbeid niet uitvoert, wie gaat bepalen welke cliënt in welk systeem terecht komt en welke taken precies in aanmerking komen. “Wij vinden dat de taken moeten aangepast zijn aan de capaciteiten van de cliënt en niet louter moeten dienen als goedkoop werk in dienst van de gemeente. Het kan niet dat er op diensten wordt bespaard en minder aangeworven om dan het werk te laten verrichten door (bijna) gratis werkkrachten.”

INZET steunt het voorstel niet omdat het niet gekaderd is in een breder perspectief van andere al bestaande mogelijkheden van activering via echte re-integratietrajecten, maar teveel een losse flodder is die alleen goed klinkt, maar verre van effectief is als het doel er echt in bestaat om mensen te activeren en te re-integreren.

DefaultImage

PERSBERICHT

OCMW vraagt opnieuw verhoging dagprijs rustoord aan.

Op de OCMW-raad van januari stelde de meerderheid voor om opnieuw een tarievendossier in te dienen bij de hogere overheid voor een mogelijke verhoging met 5% van de dagprijs van het rustoord. ‘Er werden nog maar pas twee verhogingen van de dagprijs doorgevoerd. Een eerste in april 2014 (49,09 euro/dag voor inwoner Opwijk) en daarna in oktober 2014 (dagprijs 50,32 euro voor inwoner Opwijk). Nu opnieuw een verhoging aanvragen, lijkt ons dus niet aan de orde,’ stelt Joke Longin, OCMW-raadslid voor INZET.

‘Het OCMW van Opwijk draait inderdaad niet break even, elk jaar moet de gemeente meer dan een miljoen euro bijpassen voor alle dienstverlening. Uiteraard moeten de uitgaven in het oog gehouden worden, maar alles proberen op te lossen met opnieuw een tariefverhoging op kap van de inwoners van het rustoord kan voor INZET niet,’ aldus Joke. ‘En zeker niet omdat we eind vorig jaar aanpassingen op het gebied van het personeel binnen het OCMW goedgekeurd hebben met een hogere personeelskost tot gevolg. Dit valt niet te verdedigen als er vervolgens langs de andere kant meer bijdragen van de inwoners gevraagd worden.’

DefaultImage

Zaterdag 18 oktober officiële opening

INZET trots op realisatie nieuwe stationssite

Op zaterdag 18 oktober wordt de vernieuwde stationssite in Opwijk eindelijk officieel geopend. INZET, dat tijdens de vorige legislatuur met toenmalig schepen Pol Verhaevert de plannen uittekende, het project op de rails zette en voor het grootste deel realiseerde tijdens zijn beleidsperiode is tevreden dat de nieuwe stationssite nu helemaal klaar is. “De allerlaatste afwerking heeft de nieuwe meerderheid nog voor haar rekening genomen. Spijtig dat we dat zelf niet meer konden doen, maar onze gemeente heeft vandaag met de vernieuwde stationssite nu wel een erg belangrijke troef inzake openbaar vevoer in handen ,” zegt Verhaevert. “Naast het recent geopende nieuw natuur- en wandelgebied aan het waterbekken Eeksken is dit nog een uitloper van het vorige bestuur.”

Opwijk is regionaal knooppunt
Met de uitbouw van de stationssite in Opwijk wilde schepen Pol Verhaevert tijdens de vorige legislatuur voor Opwijk alle voorzieningen creëeren om ook in de toekomst als regionaal knooppunt van openbaar vervoer te fungeren. “Het was een groot en allesomvattend project waarbij goede planning en overleg belangrijk waren. Ik heb met alle partijen steeds een erg goede verstandhouding gehad,” kijkt Pol Verhaevert. tevreden terug. Onder meer een ruime parking en veilige fietsenstalling, elektronische borden en voldoende plaats voor de bussen kenmerken het nieuwe station. “Bij het ontwerp en de uitvoering van de plannen werd steeds nauw overlegd met zowel NMBS als De Lijn, om de bediening van trein en bus in Opwijk te blijven verzekeren.”

Contacten onderhouden
INZET vindt de verdere uitbouw en het stimuleren van het gebruik van openbaar vervoer in Opwijk belangrijk en vraagt de meerderheidspartijen NVA en Open VLD dan ook om nauwe contacten met zowel De Lijn als de NMBS te onderhouden. Als ze daartoe gevraagd wordt wil INZET ook constructief meewerken met de huidige bestuurscoalitie en ideeën en contacten verder samen uitbouwen. “We hebben daar wel wat ideeën over: samen met De Lijn kan de gemeente nagaan op welke manier het gebruik van de bus als verplaatsingsmiddel kan worden aangemoedigd: financiële tegemoetkomingen, derdebetalersregeling, voldoende overdekte bushaltes, voldoende frequentie, promotieacties en duidelijke informatie. Deze acties passen prima in uitvoering van het STOP-principe (Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, Privevervoer), waarvan ook de huidige schepen van verkeer al aangaf een voorstander te zijn.

DefaultImage

WOONUITBREIDNGSGEBIED RUBENSVELD

Een projectontwikkelaar plant de volledige invulling van het Rubensveld, een ‘woonuitbreidingsgebied’ van 5,5 ha. De projectontwikkelaar wil op korte termijn bij het college van burgemeester en schepenen een bouwaanvraag indienen voor de bouw van 129 woningen. Het zou gaan om zogenaamde ‘groepswoningbouw’: het gelijktijdig oprichten van meerdere gebouwen bestemd voor bewoning, die één samenhangend geheel vormen. Zodra het project vergund is, wil men er 129 woningen bouwen binnen de 5 jaar .

INZET en CD&V zijn tegen dit project, om meerdere redenen.

1) Het woonuitbreidingsgebied zou beter bewaard worden als strategische reserve voor de toekomst. Er is op dit ogenblik geen nood aan de ontwikkeling van woonuitbreidingsgebied. In het ‘gewone’ woongebied is er namelijk nog voldoende ruimte. Meer nog, de komende maanden en jaren zal er in het ‘gewone’ woongebied al genoeg verkaveld worden en daar valt dat niet te vermijden. Een aantal voorbeelden: de pleinen van SK Opwijk aan de Ringlaan, de verkaveling in de Wallekensweg, de verkaveling in de Broekstraat, de verkaveling van Matexi in Mazenzele, het sociaal woonproject in het binnengebied tussen Heiveld en Heirbaan …

Hier bovenop nog 129 woningen realiseren in het Rubensveld zou de lokale vraag naar woningen ver overschrijden. Eenvoudige conclusie: vanuit lokale woonbehoefte, gebaseerd op de demografische evolutie (de aangroei) van de Opwijkse bevolking, kan het project dus niet verantwoord worden.

2) De gemeentelijke infrastructuur kan zo’n groot bijkomend aanbod niet verwerken. Door op korte termijn 129 extra woningen aan te bieden, neemt de druk op de gemeentelijke infrastructuur ontegensprekelijk toe.. Denk bvb. aan de buitenschoolse kinderopvang, het gemeenschapscentrum, de zalen voor het verenigingsleven, de sporthal en ruimte voor buitensport. Hetzelfde geldt voor de infrastructuur van het onderwijs. En dit terwijl al die infrastructuur nu al aan zijn limieten zit!

3) De lokale wegen zijn niet voorzien op de volledige ontwikkeling en ontsluiting van het gebied. De vele extra voertuigbewegingen belasten het omliggende wegennet meer dan verantwoordbaar is en maken de lokale verkeerssituatie een pak onveiliger, vooral voor zwakke weggebruikers. De omliggende wegen zijn immers relatief smal en zonder fietspad.

4) Een deel van het woonuitbreidingsgebied staat gekend als een watergevoelige zone. Verharding van grondoppervlakte in deze zone door woningbouw, aanleg van opritten en wegen kan dus voor bijkomende wateroverlast zorgen in de buurt.

Ons voorstel? Maak voor dit gebied zonder aarzelen een Ruimtelijk Uitvoeringsplan (RUP) op.
Zo’n RUP zou tenminste garanties kunnen bieden voor een onderbouwde, in de tijd gespreide (gefaseerde) ontwikkeling van het gebied (veel langer dan 5 jaar) gebaseerd op een woonbehoeftenstudie. En voorafgaand aan de opmaak van een dergelijk RUP zou een ernstig (en tijdig) onderzoek kunnen gebeuren naar de mobiliteitseffecten en naar de impact op de waterhuishouding van het omliggende gebied. Ook biedt een RUP de mogelijkheid om op een weloverwogen wijze een deel van het gebied voor te behouden voor groen en wateropvang en -infiltratie. En tenslotte garandeert de opmaak van een RUP een betere inspraak, met verplicht advies ook van de Gemeentelijke Commissie voor Ruimtelijke Ordening (GECORO), advies dat geen vereiste is bij de beoordeling van een bouwaanvraag. Bovendien beslist de hele gemeenteraad over een RUP en niet enkel het schepencollege. Dit garandeert in ieder geval een volwaardiger debat, volgens ons een vereiste als de toekomst van een volledig woonuitbreidingsgebied (en de omgeving) aan de orde is!

DefaultImage

Gemeenteraad 1 juli 2014 –

Toegevoegd agendapunt namens INZET en CD&V

De zgn. OMA-fietsroute moet, zoals u weet, zorgen voor een veilige en snelle fietsverbinding langsheen de spoorweg en dit van Opwijk naar Merchtem en vervolgens over Asse tot in Brussel. Voor heel wat fietsers, zowel scholieren als pendelaars en recreanten zou de route een grote meerwaarde betekenen. Ook kan ze een rol spelen, als fietsalternatief, in het verlichten van de mobiliteitsdruk op onze wegen op het genoemde traject Opwijk-Brussel. Recreanten zullen er dan weer dankbaar gebruik van maken, mede door de aansluiting op andere fietsroutes zoals Leirekesroute.

Intussen stellen we vast dat op het grondgebied van Asse reeds een deel is gerealiseerd, maar een onvoorwaardelijk engagement voor realisatie van de verbinding op het grondgebied Opwijk laat op zich wachten. Ter verklaring verwijst ons gemeentebestuur, ook via de pers, naar de houding van Merchtem die hierin niet wenst te investeren, en naar het niet of onvoldoende subsidiëren van dit project door de provincie Vlaams-Brabant.

Desondanks blijkt uit talrijke contacten met en reacties van in de eerste plaats inwoners van Opwijk, maar ook van buurgemeenten, dat deze massaal voor de realisatie van de OMA-fietsroute zijn én aandringen dat we zouden blijven ijveren voor de realisatie ervan.
Tijdens enkele petitieacties die INZET en CD&V ondernamen verzamelden wij binnen de kortste keren meer dan 1000 handtekeningen.

Dat er geen of onvoldoende subsidies voorhanden zijn voor de realisatie van de OMA-fietsroute op het grondgebied van Opwijk wensen wij formeel te ontkennen. Het nieuwe provinciale beleidskader, van kracht sinds januari 2014, heeft immers niets gewijzigd aan de subsidiëring. Dat betekent concreet dat de OMA-route vanuit het Fietsfonds kan rekenen op 80% subsidiëring voor de fietsinfrastructuur.
Wel is het zo dat de OMA-route niet behoort tot de 15 prioritaire fietssnelwegen geselecteerd door de provincie Vlaams-Brabant. Dat zijn dan ook routes die meestal maar tot zo’n 15 kilometer buiten het centrum van Brussel lopen. Zoals u weet, wordt de realisatie van die prioritaire fietssnelwegen door de provincie nog zwaarder gesubsidieerd. Maar, dat neemt niet weg dat de OMA-route wel erkend is en blijft als bovenlokale functionele fietsroute en, zoals gezegd, wordt de aanleg daarvan toch voor 80% gesubsidieerd.

INZET en CD&V zijn dan ook van mening dat het gemeentebestuur van Opwijk onvoorwaardelijk werk moet maken van de realisatie van deze route, wat ook de houding van de gemeente Merchtem mag zijn. Ook Leirekesroute is niet in één beweging gerealiseerd en het (tijdelijk) ontbreken van het deel op het grondgebied van Merchtem ontdoet het Opwijkse deel nog niet van zijn meerwaarde.
De realisatie van de fietsroute is dan ook een kwestie van beleidskeuzes te maken.

Samen met meer dan 1000 Opwijkenaars en allicht nog veel meer hopen wij dan ook dat u de enige juiste keuze maakt, nl. de realisatie deze legislatuur van de OMA-fietsroute. Wij leggen dan ook de vraag van al deze mensen in uw handen en overhandigen u, namens de fracties INZET en CD&V, de ingezamelde handtekeningen.

Dit alles leidt ons nu tot de volgende vragen:

1) Is het gemeentebestuur bereid om bij de buurgemeente Merchtem aan te dringen op enerzijds een formele toezegging van de realisatie van de OMA-fietsroute op Merchtems grondgebied en op anderzijds het zetten, deze legislatuur, van minstens de eerste stappen ter realisatie van deze route?

2) Is het gemeentebestuur bereid om zich onvoorwaardelijk te engageren tot realisatie van de OMA-fietsroute op Opwijks grondgebied, ongeacht de houding van de gemeente Merchtem en wetende dat de huidige subsidiegraad 80% bedraagt voor de aanleg van de route? Indien zo, zal het gemeentebestuur zich dan engageren tot de feitelijke realisatie van de fietsroute deze legislatuur?

DefaultImage

PERSBERICHT

Schepen voor ruimtelijke ordening voert beloofde groentoets niet uit

Geen ruimte voor groen in nieuwe verkaveling Wallekensweg

Op de gemeenteraad van 27 mei stond het tracé (de inrichting) van een nieuwe verkaveling in de Wallekensweg op de agenda. Tijdens de vorige legislatuurkwam dit project voor het eerst ter sprake. Er werd toen tussen de verkavelaar, de gewestelijk stedenbouwkundig ambtenaar en de gemeente afgesproken dat de “openbare rijweg in die verkaveling zou uitgeven op de voetweg nr. 66 achteraan de verkaveling. In eerste instantie zal deze weg voor de trage weggebruiker ingericht worden met groen en bomen in laanstructuur.” INZET stelt nu met verbazing vast dat in het uiteindelijke tracé van de nieuw aan te leggen weg niets meer is overgebleven van deze eerder overeengekomen voorwaarden (groen en bomen in laanstructuur en verbinding met voetweg).

Pol Verhaevert, bevoegd voor ruimtelijke ordening in vorige legislatuur, ondervroeg de huidige schepen van ruimtelijke ordening Inez De Coninck over deze gewijzigde voorwaarden en vroeg haar waarom ze hier ook geen ‘groentoets’ heeft uitgevoerd. Bij het begin van de legislatuur had de schepen immers beloofd dat ze dit bij de inrichting van elk openbaar domein zou doen. Deze ‘groentoets’ zou er moeten voor zorgen dat er bij elke nieuwe verkaveling voldoende groene ruimte voorzien wordt. Die belofte blijkt anderhalf jaar later alweer vergeten.

Aankopen voor bebossing of natuurontwikkeling werden eerder al afgewezen door de meerderheid, nu blijkt ook de vergroening van het centrum via de groentoets geen prioriteit voor de schepen. Verder verkavelen kan dus blijkbaar zonder aandacht voor een groene, aangename leefomgeving. INZET vindt dit een gemiste kans en een voorbeeld van slecht beheer van het openbaar domein en stemde daarom tegen het tracé van de nieuwe verkaveling.

DefaultImage

TOEGEVOEGD PUNT INZET
Tussenkomst verantwoordingsnota jeugd – Dikke onvoldoende voor schepen van jeugd

Ondanks het uiteindelijke positieve advies van de jeugdraad is de inhoud ervan vernietigend: de verantwoordingsnota werd te laat voorgelegd, er stonden heel veel fouten in, het was een kopie van 2012, er worden drogredenen aangehaald voor het niet realiseren van een aantal doelstellingen en ten slotte de belangrijkste passage: ‘Zelden heeft de jeugdraad een verantwoordingsnota gezien in de gemeente Opwijk met zo vaak de vermelding ‘niet gerealiseerd’’.

Dit alles wijst niet alleen op een gebrek aan respect voor de jeugdraad, maar ook op een totaal gebrek aan aandacht voor het thema jeugd bij de huidige schepen en bestuursploeg. De realisaties waarmee men in het voorbije jaar graag uitpakte in de pers, waren bovendien nog projecten van de vorige legislatuur. Als je dit dus nog filtert uit de verantwoordingsnota, dan blijven er inderdaad bitter weinig realisaties over.

Eén van de opmerkelijkste tekortkomingen in het werkingsjaar 2013 is de totale afwezigheid van investeringen in de brandpreventie van jeugdlokalen. Niet alleen een prioriteit in het jeugdbeleidsplan, maar bovenal een reële nood op het terrein. In de verantwoordingsnota lezen we: ‘Deze actie is niet verwezenlijkt in 2013 omdat er elders grotere prioriteiten lagen’. Ik had graag geweten wat die ‘grotere prioriteiten’ dan wel waren. Dat er in 2013 dus werkelijk geen euro besteed werd aan het brandveilig maken van de jeugdlokalen, is een regelrechte schande.

Op pagina 9 in de verantwoordingsnota staat te lezen dat een vorming heeft laten blijken dat inclusiewerking in het VAJA niet haalbaar is. Indien dit het geval is, wat ik niet in vraag stel, vraag ik me wel af waarom dit item wel expliciet opgenomen werd in de BBC. Alleen omdat het mooi staat om hiermee uit te pakken, en als volgt even snel te begraven?

Ook de preventie gehoorschade, toch een hot topic in onze gemeente als we denken aan de discussie die er onlangs was n.a.v. de KSA-fuif, werd gewoonweg niet uitgevoerd.

En dan het luik jeugdruimte. In 2013 was er 20.000 euro voorzien voor de opwaardering van speelterreinen. Kan de schepen toelichten waaraan dit budget besteed is, want dit valt niet op te maken uit de verantwoordingsnota. Bovendien wordt het niet realiseren van pleintjes voor recreatieve sportbeoefening, waarvoor een budget voorzien was van 2.500 euro, wel heel snel van tafel geveegd door te verwijzen naar een project van de vorige legislatuur. En daarmee is de kous dan af. Jammer…

Verder zijn er heel veel projecten in de onderste schuif beland, met als excuus ‘tijdsgebrek omwille van de opmaak van de BBC’. Het gaat dan bijvoorbeeld over vorming en activiteiten i.s.m. Nijdrop en het gemeenschapscentrum, de organisatie van een free podium, van projecten rond diversiteit… zelfs de organisatie van een EHBO-cursus, toch geen overbodige luxe voor de leiding van een jeugdbeweging, wordt met dit argument van tafel geveegd.

Dit alles in overweging nemend, kunnen we vanuit INZET alleen maar concluderen dat de balans zwaar negatief doorslaat en dat het jeugdbeleid er met de nieuwe meerderheid zeker niet op vooruitgegaan is.

DefaultImage

INZET pleit bij Minister voor Overheidsbedrijven voor behoud treinaanbod.

INZET sluit zich aan bij het protest tegen de plannen van de NMBS om het treinaanbod op onder andere lijn 60 van Brussel naar Dendermonde te beperken. “Wij zullen onze ongerustheid en die van vele Opwijkse pendelaars, maar ook mensen die vanuit onze gemeente aan cultuurbeleving doen in Brussel, rechtstreeks uiten bij Minister van Overheidsbedrijven Labille,” zegt voorzitter Luc De Ridder. “Wij pleiten ervoor om het aanbod op lijn 60 te handhaven. In de vorige legislatuur en met de toenmalige goede contacten via onze schepen Pol Verhaevert, hebben wij voor het station van Opwijk alle voorwaarden gecreëerd voor een regionaal knooppunt. De NMBS kan dit nu niet zomaar naast zich neerleggen. Bovendien staat mobiliteit en de verzadiging van de hoofdstad dezer dagen hoog op de Brusselse agenda. Wij menen dus voldoende argumenten te hebben om actie te ondernemen.”

Een tweetal maanden geleden al deed INZET een oproep aan het huidige schepencollege om de contacten met de NMBS en De Lijn warm te houden. “Dat is nodig om Opwijk op de kaart te houden en bij belangrijke beslissingen als deze je stem te kunnen laten horen,” zegt voormalig schepen Pol Verhaevert. “Nu moeten we als gemeenteraad via de pers vernemen dat het treinaanbod zou worden beperkt.”
De NMBS stelt in haar plannen voor om de eerste en de laatste treinen onder andere op de lijn Dendermonde-Brussel fel te beperken. Dat heeft voor de Opwijkse pendelaars en andere treingebruikers een heel aantal nadelen. Luc De Ridder: “Vooreerst zijn er de mensen die in ploegen werken en door het beperktere aanbod niet meer tijdig in Brussel of niet meer thuis zouden geraken. Maar ook wie in Brussel een concert, film of theatervoorstelling wil bijwonen en de trein als alternatief neemt voor de wagen, kan dit in de nieuwe uurregeling niet meer.”

Slecht signaal
INZET vindt de plannen die voorliggen geen goede zaak om mensen te overtuigen om het openbaar vervoer te gebruiken en een duurzamer mobiliteitsgedrag te ontwikkelen. De Ridder: “Met deze maatregelen verplicht uitgerekend een openbaar vervoerbedrijf opnieuw meer mensen om de auto te gebruiken, terwijl de wegen naar en in de hoofdstad nu al verzadigd zijn. De veelvuldige aandacht voor het thema mobiliteit in Brussel voor de komende verkiezingen geeft het belang ervan aan. Evenmin milieu en klimaat zijn hierbij gebaat. De alom geprezen vernieuwing van de stationsomgeving heeft bovendien tot doel het gebruik van openbaar vervoer in Opwijk en de omliggende regio te verhogen.”

Blij dat nu ook NVA duurzame mobiliteit ondersteunt
INZET meent daarmee voldoende argumenten te hebben voor het behoud van het treinaanbod en zal zich rechtstreeks richten tot bevoegd minister Labille. INZET roept ondertussen ook het schepencollege op om via alle mogelijke organen, platformen en contacten mee te lobbyen. “Wij willen uiteraard ook samen aan dit dossier werken en ook al onze contacten aanspreken, als het college dit nuttig en wenselijk acht, maar gaan ondertussen niet stilzitten. We zijn overigens verheugd te lezen dat nu ook de lokale NVA-afdeling duurzame mobiliteit wil ondersteunen. We volgen het dossier op de voet, ook na de verkiezingen,” besluit Luc De Ridder.

DefaultImage

De gemeentebesturen van Opwijk en Merchtem hebben zich gekant tegen de realisatie van de OMA-route, de fietsroute langs de spoorlijn Opwijk-Merchtem-Asse. Via deze ‘fietssnelweg’ zouden fietsers nochtans heel vlot en veilig naar Brussel kunnen fietsen. Wil jij ook de gemeentebestuurders overtuigen dat deze OMA-route toch moet gerealiseerd worden? Teken dan deze petitie! Alvast een welgemeende dank-u-wel!

Petitie tekenen: klik op de link hieronder

JA tegen de OMA-route

Dit is een gemeenschappelijk initiatief van Inzet en CD&V Opwijk-Mazenzele

DefaultImage

EERSTE INZAMELMOMENTEN

Op de OCMW-raad van 27 maart 2014 deed INZET via haar OCMW-raadslid Joke Longin een voorstel voor de oprichting van een luierbank in Opwijk. Het voorstel werd aangenomen als proefproject voor 1 jaar. Nu organiseren wij reeds de eerste inzamelmomenten.

Luiers betekenen een grote hap uit het budget van jonge gezinnen. Voor mensen die het financieel moeilijk hebben is het zelfs een te grote hap. Het idee van een luierbank is eenvoudig: jonge ouders kunnen hun overschot aan luiers binnenbrengen bij een inzamelpunt, daar worden ze verdeeld in pakketten en tegen een voordelig tarief aangeboden aan ouders die het financieel moeilijker hebben.

In Opwijk organiseert INZET de eerste inzamelmomenten, het OCMW zal zorgen voor herverdeling in pakketten en verspreiding naar de gezinnen, via de tweedehandswinkel ‘t Kapstokske.

Nog dit: de luierbank verzamelt wegwerpluiers om ze opnieuw in omloop te brengen. Daarnaast zijn herbruikbare luiers uiteraard een prima alternatief. Doch zien wij dat een grote meerderheid van de jonge ouders (ook) wegwerpluiers kiest. Vandaar onze inspanning om ook deze wegwerpluiers te herverdelen. Sensibilisering voor gebruik van herbruikbare luiers blijft daarnaast uiteraard nuttig.

INZET dank alle betrokken diensten en medewerkers voor de ondersteuning aan dit initiatief.

Praktisch
Breng uw overschotten van luiers (alle maten, gewone luiers of zwemluiers) binnen:
– Maandag 14 april 2014 – 18u00-22u00 – Hof Ten Hemelrijk, Duivenzolder
– Zaterdag 26 april 2014 – 9.00-12.00u – Hof Ten Hemelrijk, Duivenzolder

DefaultImage

“Nieuwe stationssite biedt kansen als regionaal knooppunt openbaar vervoer.”

Eind januari publiceerde De Lijn haar memorandum voor de komende verkiezingen. Daarin ligt de nadruk op vervoer van, naar en in de stedelijke kernen. Tegelijk wil de openbare vervoersmaatschappij het busvervoer in de landelijke gebieden grondig herbekijken. INZET vraagt de lokale meerderheid om de belangen van onze gemeente ter zake te blijven verdedigen om Opwijk verder uit te bouwen als regionaal knooppunt voor openbaar vervoer, in het belang van de vele dagelijkse pendelaars en gebruikers. “Met de vernieuwde stationssite heeft onze gemeente nu alle troeven in handen ,” zegt ex-schepen Pol Verhaevert.

Opwijk als regionaal knooppunt

Met de uitbouw van de stationssite in Opwijk, tijdens de vorige legislatuur en onder leiding van toenmalig schepen Pol Verhaevert, creëerde Opwijk alle voorzieningen om ook in de toekomst als regionaal knooppunt te fungeren. Onder meer een ruime parking en veilige fietsenstalling, elektronische borden en voldoende plaats voor de bussen werden daartoe voorzien. “Bij het ontwerp en de uitvoering van de plannen werd steeds nauw overlegd met zowel NMBS als De Lijn, om de bediening van trein en bus in Opwijk te blijven verzekeren. Dat is van groot belang voor de vele dagelijkse pendelaars uit onze gemeente. Er werden daarnaast destijds ook andere engagementen bekomen bijvoorbeeld over de uitbreiding van de buslijn Dendermonde-Zaventem, die voortaan ook in Opwijk zou stoppen en een extra lijn op vrijdag van Mazenzele naar Opwijk, in functie van de wekelijkse markt en zo verder, ” zegt Pol Verhaevert. “Ook over de frequentie van de treinen en de bemanning van het station waren er afspraken.”

Proactief contacten onderhouden
INZET vindt de verdere uitbouw en het stimuleren van het gebruik van openbaar vervoer in Opwijk belangrijk en vraagt de meerderheidspartijen dan ook om de contacten met zowel De Lijn als de NMBS verder te onderhouden in functie hiervan. Pol Verhaevert: “Eerder dan een afwachtende houding aan te nemen stellen wij voor om proactief contact te nemen om zo van bij het begin van de plannen betrokken te zijn en op termijn de frequentie van het vervoer te verhogen.”
INZET wil daarbij graag constructief samenwerken met de huidige bestuurscoalitie en ideeën en contacten verder samen uitbouwen. “Samen met De Lijn moet de gemeente nagaan op welke manier het gebruik van de bus als verplaatsingsmiddel kan worden aangemoedigd: financiële tegemoetkomingen, derdebetalersregeling, voldoende overdekte bushaltes, voldoende frequentie, promotieacties en duidelijke informatie. Deze acties passen prima in uitvoering van het STOP-principe (Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, Privevervoer), waarvan ook de huidige schepen van verkeer al aangaf een voorstander te zijn. Wij willen daar op het niveau van onze gemeente graag aan meewerken door onze expertise mee ten dienste te stellen,” aldus Verhaevert.

DefaultImage

Verhoging vergoeding raadsleden gebruikt voor goed doel

Eén van de eerste beleidsdaden van de nieuwe meerderheid in Opwijk was de verhoging van de vergoedingen voor gemeente- en OCMW-raadsleden. De mandatarissen van INZET (Pol Verhaevert, Luc De Ridder, Joke Longin en Marijke De Vis) vonden dit, gelet op het huidige economische klimaat, niet gepast en hebben van in het begin gesteld dat ze deze verhoging zouden besteden aan een goed doel. Ze houden nu hun belofte.

De vergoeding voor het bijwonen van een gemeente- of OCMW-raad, de zogenaamde presentiegelden, werd sinds mei 2013 opgetrokken van 150 euro naar 200 euro. Dat komt neer op een nettoverhoging van ongeveer 25 euro per raadslid en per zitting. “Dit bedrag wordt door de penningmeester van INZET geboekt op een aparte post en kan enkel worden besteed aan ondersteuning van een goed doel of behartenswaardig project,” vertelt INZET-voorzitter Luc De Ridder.

De keuze voor 2013 viel op een project van de Opwijkse Els Dalle. Zij zet zich in voor weeskinderen in Arusha, Tanzania. INZET koos dit project uit omdat het aanleunt bij haar visie om een actief Noord-Zuidbeleid te voeren te voeren, ook in Opwijk. Pol Verhaevert, voormalig schepen voor ontwikkelingssamenwerking: ”We steunen de acties van het Derdewereldhuis en ijveren actief het behoud van het Fair Trade-label dat onze gemeente kreeg tijdens de vorige legislatuur. Met onze keuze willen we dit nog eens onder de aandacht brengen van het huidige bestuur.”

Els Dalle: “In totaal hebben we nu 3.500 euro ingezameld. Dat bedrag wordt integraal gespendeerd voor het verhogen van de levenskwaliteit van ongeveer 30 kinderen in Samaritan Village, een weeshuis in Arusha, Tanzania. Zo hebben we een leerkracht aangesteld die de kinderen uit het weeshuis een paar uur per week helpt met hun huiswerk. We hebben ook schoolmateriaal aangekocht en een park voor de baby’s zodat ze niet 90% van de tijd in hun bedje in een kamertje liggen waar amper zonlicht komt.’
Naast dit project in Tanzania gebruikte INZET de verhoging van de vergoedingen ook om diverse Opwijkse verenigingen en initiatieven te ondersteunen, van wielerwedstrijden tot eetfestijnen en trappistenavonden.

Meer informatie over het project van Els vind je op http://www.bloggen.be/orphanage_arusha/. Wil je het project ook steunen? Dat kan door een bijdrage te storten op BE02 7340 3746 4540.

Wie een project heeft dat in 2014 voor ondersteuning in aanmerking denkt te komen, kan steeds contact opnemen met INZET.

DefaultImage

PERSBERICHT

INZET doopt veldweg om tot ‘Dokweg’

INZET is een fervent voorstander van de herwaardering van de trage wegen. Naast het eventueel herstel en het regelmatig onderhoud van de trage wegen pleit INZET voor het aanbrengen van naamborden. Dit kan het gebruik van de trage wegen verder aanmoedigen.

Trage wegen zijn wegen die alleen of hoofdzakelijk bestemd zijn voor niet-gemotoriseerd verkeer: voetwegen, veldwegen, fietsbaantjes, kerkwegels … Onder impuls van onze INZET-schepen werd in vorige legislatuur in Opwijk al begonnen met de herwaardering van de trage wegen. Maar het werk was natuurlijk nog niet af. ‘We zijn dan ook blij dat het huidig bestuur het idee van de herwaardering van de trage wegen opnieuw opgenomen heeft’, klinkt het bij INZET.
Herwaardering van trage wegen is belangrijk voor het milieu, voor het behoud van het landschap en uiteraard voor de wandelaars en andere genieters. Ze vormen een belangrijke schakel in de gemeentelijke mobiliteit en kunnen ook zorgen voor snelle en veilige verbindingen voor voetgangers en fietsers.

Naamborden voor veldwegen
Herwaardering van de trage wegen gaat niet alleen over het openhouden van de trage wegen, het eventueel herstel en het regelmatig onderhoud. Herwaardering moet ook het gebruik van de trage wegen aanmoedigen. Een waardevol element daartoe is de bebording van de veldwegen, waar de provincie Vlaams-Brabant zelfs subsidies voor geeft.
Naamborden zorgen voor herkenbaarheid voor de wandelaars. Hoe meer mensen gebruik maken van een veldweg, hoe minder het onderhoud zal kosten. Voor de benaming van de veldweg kan men zoeken naar aangrijpingspunten in de omgeving van de veldweg of naar historische namen die men kan terugvinden in de ‘atlas der buurtwegen’ of in de ‘geschiedenis van Opwijk’ van Dr. Jan Lindemans. INZET koos een weinig gekende veldweg tussen de Steenweg op Aalst (in de buurt van de Oude Jongensschool) en Dokkene Bos uit en gaf hem de naam ‘Dokweg’, een naam die volgens de ‘Geschiedenis van Opwijk’ lang geleden gebruikt werd voor een veldweg in dat gebied.

DefaultImage

PERSBERICHT

De meerderheid van Open VLD en NVA hebben met de opmaak van het meerjarenplan 2014-2019 hun huiswerk gemaakt. Of dat huiswerk ook een voldoende oplevert, daar is INZET niet zo zeker van. ‘Deze meerderheid jaagt er in snel tempo de opgebouwde spaarpot door’, luidt het bij INZET. ‘Bovendien houdt men uitverkoop van het eigen patrimonium door onder andere de oude jongensschool van Nijverseel en de pastorij van Nijverseel in de vitrine te zetten. En op vlak van milieu blijft het akelig stil.’

Reserves opgesoupeerd.
In 2013 vertrok de nieuwe meerderheid met ongeveer 11 miljoen euro in kas. Aan het einde van dit jaar schiet daar nog iets meer dan 5 miljoen van over. Ook in 2014 gaat men verder met de leeghalen van de reservepot door ruim 3 miljoen meer uit te geven dan dat er binnenkomt. Daardoor eindigen we in 2014 op een goeie 2 miljoen euro. Het vet zal dan echt van de soep zijn.
Uiteraard zitten er een aantal goede projecten bij zoals de heraanleg van de dorpskern van Mazenzele en de herinrichting van de Singel. Al blijft het bij dit laatste wel de vraag of men met de voorziene 50.000 euro zal toekomen om tot een structurele oplossing te komen voor de onveilige verkeerssituatie op die plaats. Ook de verbouwing van het GAC II, in functie van de centralisatie van OCMW- en gemeentediensten – een idee dat INZET trouwens niet ongenegen is – blijkt een grote hap uit het budget. In enkele maanden tijd steeg de voorziene kostprijs van een kleine € 100.000 naar een slordige € 850.000. Een project dat in deze economisch moeilijke tijden volgens INZET nu niet prioritair is.

Realiteitszin soms veraf
Soms is de realiteitszin in dit meerjarenplan ver te zoeken. De intentie om een grondregie op te richten is alleszins lovenswaardig. Alleen voorziet men hiervoor pas geld in 2018, namelijk 250.000. Waarom begint men daar niet onmiddellijk mee? De prijzen gaan de komende jaren alleen maar stijgen en wat ga je in 2018 nog kunnen kopen voor 250.000 euro. Een nobel idee, maar slechts een druppel op een hete plaat.
Binnen het departement jeugd lezen we dat de meerderheid werk wil maken van inclusie en dit voor een bedrag van – u leest het goed – 500 euro per jaar. Om aan echte inclusiewerking te doen en dus kinderen met een specifieke zorgbehoefte een plaats te geven binnen de gewone buitenschoolse opvang en de speelpleinwerking, heb je een veelvoud van dit bedrag nodig. ‘Werk maken van inclusie’, het klinkt mooi, maar wat gaat men echt doen?

Parking troef
Toegegeven, op bepaalde momenten is het moeilijk om in Opwijk-centrum je wagen te parkeren. Maar de astronomische bedragen die deze meerderheid hieraan spendeert, daar kan INZET niet achter staan. De parking op de zogenaamde ‘Borchtsite’ (bij sommigen beter gekend als de Fata Morgana-site) zal geen 710.000 euro kosten, zoals NVA in haar publicaties beweert, maar wel 1.755.000 euro: 710.000 euro voor de aankoop van het perceel, 200.000 euro voor de aankoop van twee bouwvallige woningen in de Kattestraat en 845.000 euro voor de aanleg van de parking. Een andere visie, zo verklaart de meerderheid haar keuzes ter zake, en dat kan uiteraard, maar ondertussen blijft Opwijk achter op de engagementen die het moet opnemen ten opzichte van de Vlaamse Overheid inzake sociale huisvesting. Vragen over de aanpak daarvan blijven onbeantwoord. Een boete lijkt steeds meer in het verschiet.

Geen prioriteit voor milieu
In de nieuwe meerjarenbegroting 2014-2019 komt niet één milieuthema voor in het prioritair beleid. Ook wordt elke aankoop van percelen voor bosrealisatie of groenontwikkeling geweigerd. Terwijl alle wetenschappelijke rapporten aantonen dat bos de capaciteit heeft om veel CO² uitstoot op te vangen. Andere wetenschappelijke rapporten wijzen erop dat bomen veel fijn stof kunnen opvangen. Fijn stof, afkomstig o.m. van het verkeer en van verwarmingsinstallaties, is schadelijk voor de gezondheid: luchtwegaandoeningen, hart- en vaatziekten en kanker zijn mogelijke gevolgen.
Toch ontkent deze meerderheid het belang van meer groen en bos. Overigens heeft INZET niet alleen gepleit voor meer natuur in het buitengebied, maar evenzeer voor meer en goed onderhouden groen langs onze straten en in onze woonwijken. Ter herinnering, Opwijk blijft vandaag ver onder het Vlaams gemiddelde inzake aanwezigheid van bos.
Het aanleggen van bos hoeft trouwens niet duur te zijn, in tegenstelling tot wat de huidige meerderheid beweert. Dat heeft voormalig milieuschepen Pol Verhaevert in de vorige legislatuur bewezen. Alle percelen die op initiatief van Pol Verhaevert in werden gekocht voor bosuitbreiding kostten de gemeente echter net heel weinig geld, omdat alle aankopen voor minstens 80 % werden gesubsidieerd, sommige aankopen zelfs voor bijna 100%. En de kosten voor onderhoud dan, zo argumenteert de meerderheid. Alsof parkings, voetbalvelden en gebouwen geen onderhoud vereisen?

En dan nog … de Vetweyde
In de meerjarenbegroting staat de realisatie van de Vetweyde gepland voor 2018. Daarmee wordt dit dossier op de plank van de volgende meerderheid gelegd. Uitstel of afstel? Het blijft in ieder geval erg onduidelijk wat men nu eigenlijk met dit project van plan is. Ondertussen blijft men wel massaal investeren in de aankoop van gronden, de aanleg van kunstgrasvelden … Tussen 2014 en 2019 voorziet men hiervoor – inclusief de Vetweyde – iets meer dan 3 miljoen euro. Voor de bouw van een nieuwe sporthal zal men in 2014 een studie laten uitvoeren, geschatte kostprijs 15.000 euro. Verder werd hiervoor geen geld voorzien in de meerjarenplanning. Een klein onevenwicht misschien?

Tenslotte: einde Sint-Pauluszaal?
De meerderheid bestelde een studie om te onderzoeken of de renovatie van de Sint-Pauluszaal haalbaar is. In de meerjarenbegroting is echter geen enkel bedrag terug te vinden dat in een renovatie of een (her)nieuwbouw voorziet. Een gokje: de studie zal uitwijzen dat renovatie niet haalbaar is en vervolgens verdwijnt de zaal om plaats te maken voor parking. Exit fuifzaal en zaal voor activiteiten allerhande. Zeer spijtig!

DefaultImage

Nieuwe stedenbouwkundige verordening inzake parkeren en stallen van auto’s en fietsen en realisatie van bergruimten bij meergezinswoningen in de gemeente Opwijk.

INZET onderschrijft ten volle de nieuwe stedenbouwkundige verordening. De nieuwe stedenbouwkundige verordening verhoogt het aantal parkeerplaatsen die per wooneenheid moet worden voorzien van 1 per wooneenheid naar 1,5 parkeerplaats per wooneenheid. Vanaf vier woonentiteiten dienen de parkeerplaatsen ondergronds te worden aangelegd (was ook al zo in vorige legislatuur.

Maar de nieuwe meerderheid voert een nieuwe uitzondering in, die INZET niet kan aanvaarden. Je moet die nieuwe verplichting bij meergezinswoningen niet realiseren op het betrokken perceel als dit omwille van “de goede plaatselijke ordening” niet mogelijk is. In dat geval mag je toch nog een meergezinswoning (appartementsgebouw) oprichten als je binnen een straal van 400 meter een andere eigendom bezit waarop je die parkeerplaatsen kan realiseren. Als je dus bijvoorbeeld in het begin van de Kloosterstraat meergezinswoningen wil oprichten en je kan (of wil) niet voldoen aan de parkeerverplichting op het betrokken perceel, dan kan je gedeeltelijk (of geheel) die verplichting realiseren op een perceel dat je in eigendom hebt in de Broekstraat (binnen een straal van 400 meter).

INZET kan die nieuwe uitzondering niet aanvaarden om drie redenen:
– Welke bewoner van een meergezinswoning gaat vierhonderd meter verder zijn auto parkeren op een ander perceel van de eigenaar van de meergezinswoning? Al die auto’s zullen op straat staan in de buurt van de betrokken meergezinswoning.
– De nieuwe uitzondering is ook a-sociaal. Wie vele eigendommen heeft in een straal van 400 meter moet niet voldoen aan de nieuwe parkeerverplichtingen. Wie slechts één bouwperceel bezit kan niet rekenen op de afwijking en moet de parkeerverplichting naleven op het betrokken perceel (of afzien van zijn voornemen om een meergezinswoning te bouwen). Regels moeten voor iedereen op dezelfde manier gelden. Het kan niet dat meer gefortuneerde eigenaars of projectontwikkelaars afwijkingen krijgen, terwijl de kleine eigenaar dat niet kan;
– Het argument van de meerderheid dat de uitzondering pas geldt als het op het perceel van de meergezinswoning “omwille van de goede plaatselijke ordening” niet mogelijk is om daar de vereiste parkeerplaatsen te realiseren, is zwak. Aan het begrip “goede plaatselijke ordening” kan immers geval per geval een andere invulling worden gegeven.

DefaultImage

In navolging van zijn infoavond rond gemeentelijke bosuitbreiding wil INZET het thema opnieuw bespreekbaar maken nadat de nieuwe meerderheid reeds te kennen gaf niet verder te willen investeren in aankoop van grond voor bosuitbreiding bossen in Opwijk. “We lopen nochtans sterk achterop,” stelt Luc De Ridder van INZET. “En het argument dat de grondaankoop en bosaanleg teveel zou kosten is niet correct.”

INZET nodigde afgelopen week, tijdens de Week van het Bos, Bert De Somviele uit, directeur van Bosplus, een organisatie die ijvert voor bos in Vlaanderen. De Somviele kwam praten over het belang van bos wereldwijd, in Vlaanderen én lokaal – belang voor de biodiversiteit, voor zijn positieve impact op klimaat en luchtkwaliteit, voor recreatie, etc. . Luc De Ridder: “Uit zijn betoog bleek bovendien dat Opwijk tot aan de huidige legislatuur een consequent, haalbaar bosbeleid aan de dag legde met een duidelijke visie. Onze gemeente was daarmee vrij uniek en een voorbeeld in Vlaanderen.” INZET wil de draad terug opnemen en duurzaam bosbeheer in Opwijk mogelijk maken. “Daaronder verstaan we ook toegankelijke bossen die de sociale functie van wandel- en speelplek voor volwassenen en kinderen opnemen. Het recent geopende speelbos is een goed voorbeeld.” De Somviele gaf ook aan dat de aanzienlijke stijging van het inwonersaantal in Opwijk de aanleg van bijkomend en toegankelijk bos nog steeds méér dan verantwoordt.

Bos beslaat in Vlaanderen vandaag zowat 10% van de oppervlakte. Slechts een beperkt deel daarvan is ook toegankelijk. “Opwijk had in 2000 102 hectaren bos of 5,2%, terwijl het gemiddelde in Vlaams-Brabant op dat moment 12,1% was, meer dan het dubbele dus. In 2011 bedroeg het aandeel bos in Opwijk 124 hectaren of 6,3% en gemiddeld 15,2% voor onze provincie. En hoewel de meetmethodes onderweg wat werden aangepast, was er toch duidelijk vooruitgang geboekt dankzij de inhaalbeweging die vooral in de vorige legislatuur door schepen Pol Verhaevert was ingezet.” INZET betreurt dan ook dat de huidige meerderheid de ingezette inhaaloperatie heeft stilgelegd. “De argumenten die daarvoor aangehaald worden, zijn niet correct,” aldus De Ridder.

Tot 80% gesubsidieerd
Dat bosuitbreiding te duur zou zijn en daarom vandaag niet kan, vindt Luc De Ridder zo’n non-argument. “Toenmalig schepen Verhaevert kocht in de vorige legislatuur 8 hectaren bos aan. 80% daarvan werd gesubsidieerd door de hogere overheid. Dat kan vandaag ook. Vlaanderen lanceert jaarlijks een projectoproep voor bebossing met het oog op steun voor aankoop en bebossing door lokale overheden. Bovendien zijn de nodige budgetten voor uitbreiding en onderhoud peanuts ten opzichte van het totale werkingsbudget van de gemeente.”

Naast de projectoproep zijn er nog andere initiatieven die kunnen helpen, zoals de 10 miljoen bomen-actie van Bosplus, die financiële, technische, administratieve en communicatieve steun biedt voor nieuwe bossen. Luc De Ridder: ”We werkten in het verleden al succesvol samen in dat kader. Verder zijn er instanties als de Bosgroep en het Regionaal Landschap en zou ook de hand gereikt moeten worden aan bijvoorbeeld de landbouw. Ons doel is in ieder geval het recreatief openstellen van de Opwijkse bossen en de verdere uitbreiding van het gemeentelijk bosaandeel opnieuw bespreekbaar te maken. INZET wil zich dan ook als partner in dit dossier opstellen en samen zoeken naar mogelijkheden. Wij reiken de hand naar de bevoegde schepen en hopen hier samen werk te kunnen van maken.”

DefaultImage

Toegevoegd agendapunt van INZET.

Afwerking speelterrein Konkelgoed.

Tijdens vorige legislatuur werden provinciale subsidies verkregen voor de herinrichting van het vroegere skateterrein in Konkelgoed. Er werd toen overeengekomen met de jeugdraad én met de buurtbewoners van Konkelgoed en Millenniumstraat dat het grasterrein zou ingericht worden met een volleybalnet, voetbaldoelen, pingpongtafels en zitmeubilair. Op het geasfalteerde gedeelte, waar vroeger de skatetoestellen stonden, zou een fietsparcours geschilderd worden. Het eerste deel van die overeenkomst werd begin dit jaar gerealiseerd door de plaatsing van de toestellen. Van het fietsparcours is jammer genoeg nog niets in huis gekomen.

Vragen:
1) Waarom werd het fietsparcours nog niet gerealiseerd?
2) Wanneer is de realisatie gepland?

DefaultImage


Onder de titel ‘Moet er nog bos zijn’ organiseert INZET op 16 oktober een gespreksavond over de zin of onzin van gemeentelijke bosuitbreiding. “Opwijk hinkt stevig achterop ten opzichte van de rest van Vlaanderen als het op bebossing aankomt. En toch legt de meerderheid de opgestarte inhaalbeweging stil,” stelt Luc De Ridder van INZET. “We willen dit opnieuw bespreekbaar maken.” Bert De Somviele, directeur van de vzw Bos+ en vorige week nog in het verweer tegen Vlaams Minister Joke Schauvliege, komt toelichting geven.

Vlaanderen telt 185.686 hectare bos, 8.262 hectare of 4,7 procent meer dan twee jaar geleden. Dat bleek uit de nieuwste meting van de Boswijzer van minister van Natuur en Leefmilieu Joke Schauvliege. Volgens de minister een bewijs dat de Vlaamse regering zich inzet voor meer bos. “Vreemd,” zo stelde Bos+, dat strijdt voor bosbehoud, “dat men er in twee jaar tijd en zonder extra budgetten in geslaagd zou zijn om minstens tien keer zoveel nieuwe bossen te realiseren als (het veel grotere) Nederland. De meest succesvolle bebossingsprojecten in Vlaanderen beperken zich tot twintig hectare per jaar, terwijl de overheid tegelijkertijd jaarlijks de ontbossing van honderden hectaren vergunt.”

Opwijk stevig achterop
Luc De Ridder van INZET: “Onderzoek wijst uit dat de bebossingsindex in Vlaanderen met ca. 10,8% of 0,024 ha per inwoner te laag is. Vlaanderen behoort daarmee tot de bosarmste regio’s van Europa. Nochtans, biedt een rustige, groene en natuurlijke omgeving net mogelijkheid tot ontspanning in deze drukke, vaak stresserende tijden.”
In Opwijk werd in 2003 een gemeentelijke studie voor bosuitbreiding opgemaakt. De Ridder: “De bebossingsindex lag in Opwijk op 6%, nog een stuk lager dus dan het Vlaamse gemiddelde. Daarom werd de uitbreiding van het Opwijks bosareaal in diverse gemeentelijke beleidsdocumenten, van in de jaren negentig tot 2013, als doelstelling opgenomen. De vorige jaren werd er hard gewerkt om de bosuitbreiding op het terrein te realiseren. Zo werd Dokkenebos uitgebreid (aanleg geboortebos) en werden ook in de Broevink enkele hectaren bos aangeplant.”

Geen prioriteit
De nieuwe meerderheid maakt geen prioriteit van gemeentelijke bosuitbreiding, liet schepen Inez De Coninck (NVA) de voorbije maanden reeds verstaan. De Ridder: “De huidige meerderheid heeft de opgestarte inhaalbeweging stilgelegd. Reeds van bij het begin van deze legislatuur werden alle inspanningen inzake bosuitbreiding stopgezet. Met deze gespreksavond tijdens de Week van het Bos wil INZET dan ook een signaal geven. Maar spreker Bert De Somviele krijgt wel carte blanche. Dat neemt niet weg dat de directeur van Bosplus ons heel wat duiding kan geven bij het belang, de voorwaarden, het nut én de lasten van gemeentelijke bosuitbreiding. Wij hopen de beleidsverantwoordelijken dan ook voldoende argumenten aan te reiken om de beslissing inzake bebossing in Opwijk opnieuw in overweging te nemen.”

De gespreksavond vindt plaats op woensdag 16 oktober in zaal Bakhuis op het Hof Ten Hemelrijk, om 20u. De toegang is gratis.

DefaultImage

De toegevoegde agendapunten van INZET.

Capaciteitsproblemen in het onderwijs.

Op het college van 18 juli werd een e-mail van de directeur van basisschool De Duizendpootrakkers besproken. Uit informatie die de directeur van het Departement Onderwijs gekregen heeft, zou Opwijk deel uitmaken van een lijst van steden en gemeenten die te kampen hebben met capaciteitsproblemen in het kleuter- en lager onderwijs. De overvolle klassen en de kampeerders voor onze schoolpoorten zijn elementen die dit alleen maar kunnen bevestigen.
Door het inschrijvingsbeleid van de scholen van de verschillende netten beter op elkaar af te stemmen, zou men al een stuk van de problemen kunnen oplossen.
Aangezien het college op 18 juli enkel akte genomen heeft, stel ik graag volgende vragen:
1) Welke stappen heeft de schepen ondertussen ondernomen om iets te doen aan het capaciteitsprobleem? Werd hierover reeds overleg gepleegd over de netten heen? En zo ja, wat is het resultaat hiervan?
2) Aangezien onze gemeente blijft groeien, zal ook het aantal kinderen dat in Opwijk naar school wenst te gaan, blijven toenemen. Aan welke maatregelen denkt de Schepen van Onderwijs om deze groei op te vangen?

Groenonderhoud

De voorbije zomer moesten we vaststellen dat het onderhoud van gemeentelijke perken, beplantingsvakken, bloembakken etc. ernstig achter bleef. Het onkruid kreeg op vele plaatsen de tijd hoog op te schieten, zelfs langs één van de voornaamste invalswegen van onze gemeente, de heraangelegde Steenweg op Merchtem. Op die manier oogde onze gemeente verwaarloosd, wat terecht voor heel wat ongenoegen zorgde bij de bevolking.
Namens de Inzet-fractie zond ik op 25 juli het college van burgemeester en schepenen hierover een brief, onder meer met het verzoek een plan van aanpak voor te stellen. Tegelijk gaven we aan bereid te zijn om met de meerderheid constructief te dialogeren over een dergelijk plan.
Op voormelde brief mocht ik geen enkele reactie ontvangen.

Wel mochten we in de krant (Nieuwsblad, 25 juli, ‘Onkruid staat anderhalve meter hoog langs wegen in Opwijk’) lezen dat de groendienst, die te laat in actie zou zijn gekomen met gedoogde sproeiproducten, niet beantwoordt aan de verwachtingen van het gemeentebestuur, aldus de Schepen van Leefmilieu. Tegelijk verklaarde de schepen dat in het Konkelgoed reeds een inhaalbeweging was gedaan, eerst met eigen mensen, daarna met externen.
Dit brengt mij tot de volgende vragen:
1) Wat is de visie van het bestuur op het onderhoud van gemeentelijke perken, beplantingen langs wegen en andere publieke ruimtes waar onkruid minder gewenst is: volop inschakelen van de eigen groendienst en investeren in de goede werking ervan of meer uitbesteden?
2) Welke van dergelijke onderhoudstaken werden dit jaar al uitbesteed en voor welk bedrag?

Openluchtinfrastructuur Vetweyde

Vele mensen stellen zich vragen bij de putten en sleuven die gegraven zijn op het terrein van de Vetweyde, om nog niet te spreken over de kaalslag die aangebracht is door het rooien van bomen.
Een jaar geleden konden we aan mensen nog vertellen dat het project goed zat, het ontwerp was klaar en men zou redelijk snel met de werken kunnen beginnen.
Ondertussen geloven mensen niet meer dat het project nog zal worden gerealiseerd. Zeker niet als politieke verantwoordelijken van de meerderheid dat ook zo verklaren in het café.
We wensen te weten hoever het project nu staat? Blijft de meerderheid achter dit project staan?
Vragen:
1. Werd er een nieuwe bouwaanvraag ingediend? Ondervangt deze bouwaanvraag de klachten van de mensen die bezwaar hebben ingediend tegen het project?
2. Hoe zit het met de behandeling van de bezwaren die ingediend werden tegen het project?
3. Wanneer worden de resultaten van het archeologisch bodemonderzoek bekend gemaakt?
4. Blijft de meerderheid achter dit project staan?

Werken in de Doortstraat

Op 24 september wordt de spoorwegovergang in de Doortstraat afgesloten voor alle verkeer. Geen echt probleem, als de werken in de Doortstraat zouden zijn beëindigd.
Sinds weken is er geen activiteit meer op de werf in de Doortstraat, ook al zijn de werken nog lang niet af. Integendeel. Bij het begin van de werken ligt er een nog een brede zandbak, de mensen moeten slalommen tussen de riooldeksels die uitsteken boven het wegdek, de aansluiting met de Merelweg is nog steeds niet gerealiseerd, de laatste asfaltlaag is nog altijd niet aangebracht.
Het College heeft bij een vorige interpellatie gewezen op haar beslissing om goed te communiceren met de bevolking. Buiten die ene keer, is het daarna nooit meer gebeurd, ook al stellen vele mensen zich vragen bij de afwerking van de werf.
Als men niet oplet zullen binnenkort een aantal riooldeksels kapot gereden zijn en zal men nog verplicht zijn om nieuwe riooldeksels te plaatsen. Wie zal dan opdraaien voor die meerkosten?
In welke mate zijn de werken uitgevoerd conform het bestek? Klopt het dat bij cameraonderzoek in de pas aangebrachte en nieuwe rioolbuizen barsten werden vastgesteld? Hoe werden die barsten gedicht? Werd gekozen voor een duurzame oplossing?
Vragen:
1. Zullen de werken beëindigd zijn, zal er vlotte doorgang zijn op het moment dat de spoorwegovergang wordt afgesloten?
2. Wanneer zal men leren om tijdig en goed te communiceren met de bevolking?
3. Werden de werken uitgevoerd conform het bestek? Klopt het dat barsten werden ontdekt in de nieuwe rioolbuizen? Welke oplossing werd gekozen om die barsten te dichten?

Zebrapad en parkeervakken in de Kloosterstraat.

Op advies van de verkeersadviesraad werd er recent een zebrapad aangebracht ter hoogte van het fietsbaantje en het aldaar gevestigde restaurant.
Tot onze verbazing was het zebrapad enkele dagen nadien uitgevaagd. Sommige mensen vroegen zich zelfs af of het zebrapad met waterverf was geschilderd. Ik verneem dat het zebrapad werd verwijderd na interventie van een aantal mensen.
In de Kloosterstraat werden parkeervakken geschilderd die op bepaalde punten onderbroken worden om op die manier uitwijkmogelijkheden te hebben voor het tegenliggend verkeer. Ter hoogte van dit fietsbaantje en het restaurant was er zo’n uitwijkmogelijkheid voorzien. Maar op die plaats staan steeds auto’s geparkeerd, dus buiten de parkeervakken. Mijn verbazing is nog groter als ik verneem dat mensen vroeger een toelating zouden bekomen hebben om zich buiten de parkeervakken te parkeren.
Zijn mensen in een straat met parkeervakken niet verplicht om hun auto te parkeren binnen de parkeervakken? Geldt die verplichting niet voor iedereen?
Vragen:
1. Waarom werd het zebrapad in de Kloosterstraat opnieuw verwijderd?
2. Kregen mensen toelating om zich buiten de parkeervakken te parkeren?
3. Welke bijkomende aanduidingen moeten worden aangebracht om mensen te beboeten die buiten de aangebrachte parkeervakken parkeren?

Openbare zitting gemeenteraad uitzenden via internet

Het is niet voor elke inwoner mogelijk om ‘s avonds een zitting van de gemeenteraad bij te wonen. Denken we maar aan minder mobiele mensen of ouders met jonge kinderen. Toch stelt de beleidsverklaring dat de inwoners meer betrokken moeten worden bij de beslissingen. Livestreaming, uitzenden via internet, is daarvoor een goede oplossing.
INZET vraagt om de openbare zittingen van de gemeenteraad elke maand via livestream uit te zenden en nadien beschikbaar te stellen op de website van de gemeente. Dit zou een mooie toepassing zijn op de gloednieuwe website die al een hele tijd is aangekondigd. De technologie laat dit perfect toe, maar tot op heden doen nog maar weinig gemeenten en steden dit. Opwijk kan hier een voortrekkersrol spelen.
Ook sociale media zoals Facebook en Twitter actief inzetten zorgt voor meer betrokkenheid. De jeugddienst is hier tijdens de vorige legislatuur al mee begonnen, maar dit kan gerust ook uitgebreid worden naar het gehele gemeentebestuur. Op die manier wordt een doelgroep bereikt die anders niet of minder bereikt wordt. Facebook en Twitter zijn bij een deel van de bevolking ondertussen dagelijkse realiteit. Zeker in geval van noodsituaties of voor belangrijke mededelingen is dit een interessant, efficiënt en kosteloos kanaal. Sociale netwerksites hebben bovendien het voordeel dat ze in twee richtingen werken, wat interactie mogelijk maakt. Digitale kanalen zijn vandaag een prima aanvulling op de bestaande zoals Opwijk Info.
Vragen:
1) Hoe staat het gemeentebestuur tegenover de livestreaming van de openbare zitting van de gemeenteraad?
2) Hoe ver staat het met de nieuwe website? En zal het gemeentebestuur dan ook gebruik maken van sociale media?

DefaultImage

Verantwoordingsnota te laat en zonder advies jeugdraad.

De verantwoordingsnota bij het jeugdbeleidsplan moet jaarlijks voor 1 juni ingediend worden. ‘Dat is dit jaar niet gebeurd en daardoor zou de gemeente flink wat subsidies kunnen mislopen. Bovendien werd de verantwoordingsnota niet voorgelegd aan de jeugdraad, wat een verplichting is,’ stelt gemeenteraadslid Marijke De Vis (INZET).

Het indienen van een verantwoordingsnota is een essentiële voorwaarde om subsidies te kunnen krijgen van de Vlaamse overheid. De verantwoordingsnota moet voor advies aan de gemeentelijke jeugdraad worden voorgelegd. Deze moet ten minste 30 dagen de tijd krijgen om haar advies te formuleren. Daarna moet de verantwoordingsnota, samen met het jeugdraadadvies, ter goedkeuring worden voorgelegd aan het college van burgemeester en schepenen. De verantwoordingsnota werd niet voorgelegd aan de jeugdraad en wordt nu in allerijl opgemaakt om op 27 juni voor te leggen aan het schepencollege.
Indien niet aan de voorwaarden voldaan wordt, verliest de gemeente mogelijks het recht op subsidies voor het betrokken begrotingsjaar, in dit geval zou dat kunnen oplopen tot ongeveer 35.000 euro.

‘De schepen van jeugd was blijkbaar vergeten dat er een verantwoordingsnota moest ingediend worden. Nu probeert men met paniekvoetbal nog wat brandjes te blussen, maar eigenlijk komt men hopeloos te laat,’ stelt voormalig schepen van jeugd Marijke De Vis. ‘Toch raar dat schepen De Koster dit over het hoofd zit,’ vervolgt De Vis. ‘De voorbije legislatuur zat de schepen ook in de gemeenteraad en toen was de verantwoordingsnota een jaarlijks weerkerend punt op de agenda. Ze zou dus goed genoeg moeten weten dat het advies van de jeugdraad essentieel is voor het indienen van de verantwoordingsnota. Op deze manier riskeert de gemeente heel wat subsidies mis te lopen.’

Meerderheid neemt loopje met adviesraden.

Op de gemeenteraad van 18 juni staan twee dossiers geagendeerd waaruit blijkt dat Open VLD en NVA het niet zo nauw nemen met de rol van de adviesraden. Het eerste dossier is de aanpassing van het huishoudelijk reglement van de buitenschoolse kinderopvang (IBO), het tweede is de aanpassing van het huishoudelijk reglement van de vakantiewerking, het VAJA.

‘Op zich hebben we geen problemen met de voorgestelde aanpassingen. Alleen werden ze niet voorgelegd aan de adviesraden die bevoegd zijn voor deze materie, namelijk het Lokaal Overleg Kinderopvang voor het reglement over het IBO en de jeugdraad voor het reglement over het VAJA,’ zegt gemeenteraadslid voor INZET Marijke De Vis. ‘Het is zelfs straffer, in een eerder punt op de agenda van de gemeenteraad beslissen we over de samenstelling van het Lokaal Overleg Kinderopvang. Niet echt motiverend dus voor de toekomstige leden van dit overleg om te zien dat er toch niet om hun mening gevraagd wordt, zelfs niet als het over hun kerntaak gaat. Hier nemen Open VLD en NVA de adviesraden echt niet serieus.’

INZET vraagt daarom om beide dossiers te verdagen naar een volgende gemeenteraad en eerst advies in te winnen bij de betrokken adviesraden.

Begrotingswijziging: positieve elementen, maar middelen voor jeugd blijven uit.

De begrotingswijziging die de meerderheid voorlegt, is een beperkte aanpassing van de zogenaamde technische begroting die in januari werd voorgesteld aan de gemeenteraad.

Toch staan er een paar opmerkelijke nieuwigheden in:
• Er wordt 1.050.000 euro voorzien voor een nieuw gebouw voor de buitenschoolse kinderopvang (IBO). INZET is tevreden dat hier budgetten voor voorzien worden, maar vindt 1.050.000 euro toch wel aan de hoge kant.
• INZET kan zich perfect aansluiten bij de aankoop van de Sint-Pauluszaal voor 160.000 euro.
• De terugkeer van het budget voor energiemaatregelen, nl. 50.000 euro, kan eveneens op de instemming van INZET rekenen.
• Er wordt 1 miljoen extra uitgetrokken voor de aankoop van gronden waardoor het totaalbudget op bijna 1,5 miljoen euro komt en waarvan het grootste deel zal opgesoupeerd worden door de aankoop van bouwgrond in de zone tussen Kattestraat en Oude Pastoriedreef. Door de vorige meerderheid was in deze zone sociale huisvesting voorzien, maar Open VLD en NVA willen deze dure bouwgrond nu aanwenden voor het scheppen van nieuwe parkeergelegenheid in het centrum. Dit worden wel heel dure parkeerplaatsen.

INZET is echter wel teleurgesteld in het feit dat de middelen voor jeugd, die geschrapt werden in de technische begroting, ook nu niet voorzien worden. De schepen voor jeugd Vera De Koster had nochtans aan de jeugdraad beloofd om dit opnieuw te bekijken. Het gaat hier over een budget van ongeveer 80.000 euro bedoeld voor de renovatie van jeugdlokalen (30.000 euro), de opwaardering van speelterreinen (20.000 euro), de inrichting van de avonturenspeelruimte op de Vetweyde (25.000 euro) en de viering van het 30-jarig bestaan van het VAJA.

DefaultImage

Binnenkort of misschien reeds in jouw brievenbus, maar nu reeds te lezen. Klik hier voor een pdf-bestand van de recentste krant.

DefaultImage

PERSBERICHT

Meerderheid neemt teveel risico’s met ‘strategische uitgaven’

Op de gemeenteraad van 28 mei werden opnieuw voor bijna 350.000 euro aan uitgaven goedgekeurd door de meerderheid van Open VLD en NVA. INZET maakt zich stilaan zorgen over het tempo waarmee de meerderheid de centen uitgeeft en de hoogte van de bedragen. “De uitgaven kaderen allen in strategische overwegingen en plannen onder voorbehoud. In economisch barre tijden is het volgens ons beter om minder risico’s te nemen en de uitgaven meer doordacht te spreiden,” zo zegt gemeenteraadslid Pol Verhaevert. Ondertussen blijft de reeds in februari beloofde begrotingswijziging uit. “Tijdsgebrek,” zo argumenteert burgemeester Albert Beerens (Open VLD).

Lottopot gewonnen?
Een stuk grond in Nijverseel voor een eventuele toekomstige uitbreiding van de buitenschoolse kinderopvang daar ten belope van 180.000 euro, een woning ten behoeve van de ontsluiting van de eventueel te realiseren industriezone Rodeveld voor 244.000 euro, de verbouwing van het Gemeentelijk Administratief Centrum II (GAC II) in het kader van de centralisatie van gemeentelijke- en OCMW-diensten geraamd op 100.000 euro,” somt Pol Verhaevert de uitgaven van de laatste maanden op. “De meerderheid lijkt wel de Lotto te hebben gewonnen. Terwijl van geen van de projecten al concrete plannen bestaan, worden grote bedragen in snel tempo uitgegeven. Risico-investeringen, zoals ze door de burgemeester genoemd worden, in economisch moeilijke tijden lijken ons voor een gemeentelijke overheid niet meteen een goed beleid.”

INZET is wel verheugd dat de meerderheid de plannen om een megalomaan project, de bouw van een nieuw administratief centrum, op de Fläktsite, heeft laten varen. Luc De Ridder: “INZET had zich hier al tegen verzet in de gemeenteraad. We zijn blij dat de meerderheid oren heeft naar onze argumenten. Ook wij vinden de realisatie van één centraal administratief centrum beter op de site van de Villa (GAC II, Ringlaan), al vinden wij dit op dit ogenblik geen prioriteit. Bovendien wil de meerderheid, in afwachting van de realisatie van dat grootschalig project, nog verbouwingen doen aan de Villa, met het oog op de huisvesting aldaar van enkele diensten van het OCMW. Wij vinden de raming voor die verbouwingen, 100.000 euro, erg krap. Net als de vooropgezette timing van 1 januari 2014 trouwens. Bovendien hebben we geen zicht op het totale project zodat we niet kunnen inschatten of deze investeringen op dit moment nuttig zijn.”
Tel bij al deze uitgaven ook nog eens de verhoging van de presentiegelden aan het begin van de legislatuur en de uitgaven in een paar maanden tijd overschrijden vlot de 500.000 euro. Volgens INZET zijn er in Opwijk andere prioriteiten vandaag, zoals de verder aanleg van voet- en fietspaden of de uitbouw van de buitenschoolse opvang.

Beloofde begrotingswijziging blijft uit
Intussen worden vragen over de financiën afgewend en wordt al maanden verwezen naar een begrotingswijziging die in mei op tafel zou komen. Echter is die er nog steeds niet. Wegens tijdsgebrek aldus Albert Beerens,” klaagt Marijke De Vis aan. “Op een vraag of de verlaging van 80.000 euro van de toegekende gelden aan het jeugdwerk, zal worden herbekeken, krijgen we geen antwoord.”

DefaultImage

PERSBERICHT

INZET heeft vragen bij ‘strategische grondaankopen’ meerderheid

In Het Nieuwsblad van 20 april kondigt Burgemeester Albert Beerens (Open VLD) de ‘strategische aankoop’ aan van twee percelen grond. De eerste aankoop betreft een perceel voor de toekomstige ontsluiting van de kmo-zone op het Rodeveld nabij de gemeentegrens met Lebbeke. “Vooral bij de tweede aankoop, een bouwgrond naast de vrije basisschool ’t Luikertje in de Nijverseelstraat, hebben wij een aantal bedenkingen,” zegt INZET-gemeenteraadslid Luc De Ridder. De gemeente betaalt 180.000 euro voor dat perceel. “Burgemeester Beerens verantwoordt de aankoop met het oog op de mogelijke uitbreiding van de buitenschoolse opvang in Nijverseel of om de school uit te breiden.”

Luc De Ridder: “INZET is zeer blij dat het schepencollege aandacht heeft voor het (mogelijk toekomstig) probleem van de kinderopvang in Nijverseel en voor het belang van het onderwijs in onze gemeente. Dat thema ligt ons nauw aan het hart en is reeds onderwerp geweest van tussenkomsten van Marijke De Vis in de gemeenteraad. Vandaag barst het Initiatief voor Buitenschoolse Opvang ’t Sloeberke al uit zijn voegen. Bevoegde schepen Vera De Koster (Open VLD) gaf tijdens de voorstelling van het gemeentelijk beleidsplan en de vragen van de oppositie daarover al aan dat er inderdaad een oplossing moet komen. Men zou dan ook kunnen overwegen om dat geld daarvoor te reserveren. De financiële middelen van de gemeente zijn immers beperkt.”

INZET heeft nog een tweede bedenking bij dit dossier: “De burgemeester zegt de grond ‘mogelijk ooit’ te laten gebruiken om de school uit te breiden. De gemeente kan dit uiteraard doen als ze dat wil, maar de school in Nijverseel behoort niet tot het gemeentelijk onderwijsnet, wel tot het vrij onderwijs. Het is dus niet evident dat de gemeentelijke financiën hiervoor zomaar worden aangewend, ondanks de noodzaak die zich misschien in de toekomst zou kunnen voordoen.”

INZET is dan ook voorstander om goed na te denken over de bestemming van de middelen. Pol Verhaevert: “Wij zijn vragende partij om dit debat op een open, constructieve manier en in het kader van het maatschappelijk belang van alle inwoners mee te voeren. Wij vragen dat de meerderheid onze argumenten en expertise ter zake in overweging neemt alvorens een definitieve beslissing te nemen.”

DefaultImage

Toegevoegde agendpunten gemeenteraad 23 april 2013

MODULAIRE VERKEERSKUSSENS

Meer verkeersveiligheid, vooral voor de zwakke weggebruikers, is een uitdaging voor elk bestuur. Mirakeloplossingen bestaan niet. Meer verkeersveiligheid vergt een hele reeks van diverse maatregelen.

In specifieke situaties kan gewerkt worden met ‘modulaire verkeerskussens’ om de snelheid van het autoverkeer af te remmen. In vorige legislatuur werd een voorstel voor modulaire verkeerskussens in de gemeente gedaan.
Het voorstel omvatten de aanleg van een aantal modulaire verkeerskussens in diverse straten:
– Modulaire verkeerskussens in elke straat die Leirekenroute doorkruist. Door het aanbrengen van een modulair verkeerskussen in de buurt van de Leirekensroute zou de snelheid van het autoverkeer kunnen worden afgeremd ter hoogte van elke fietsovergang.
– Modulaire verkeerskussens in de buurt van scholen, zoals de school in de Nijverseelstraat en in de Neerveldstraat (doorgangsstraten zonder fietspad, soms zelfs zonder voetpad).
– Modulaire verkeerskussens in straten met snel doorgaand verkeer waar te weinig voorzieningen bestaan voor de zwakke weggebruiker, bijvoorbeeld beneden de viaduct richting Eeksken.

In de begroting bestond voldoende krediet (in totaal ongeveer 80.000 euro: begrotingskrediet 2012 + vastgelegde kredieten in vorige jaren) om dit voorstel financieel te realiseren.

De modulaire verkeerskussens van heden zijn ook van een degelijker kwaliteit dan de eerste generatie zogenaamde “Berlijnse kussens”.
Uit persoonlijke vroegere contacten met de schepen, bevoegd voor verkeer, meen ik te weten dat de schepen van verkeer zich persoonlijk kon vinden in dit voorstel. Ook de verkeersadviesraad sprak zich in 2012 positief uit over dit voorstel.
Ook wij ondersteunen nog steeds dit voorstel.

Vragen:
1. Kan de schepen van verkeer dit voorstel nog steeds onderschrijven?
2. Binnen welke termijn kan dit voorstel gerealiseerd worden?

N.a.v. dit agendapunt verspreidde INZET dit persbericht: Klik hier

OPMAAK JEUGDBELEIDSPLAN

Een jeugdbeleidsplan opmaken is niet langer een verplichting. Toch werd er in het huidige jeugdbeleidsplan voor gekozen om ook voor de periode na 2013 opnieuw zo’n plan op te maken. De opmaak van een JBP is namelijk een uitstekende gelegenheid om bij de kinderen en jongeren van deze gemeente eens te peilen naar hun ideeën en verwachtingen. Het JBP als beleidsdocument is bovendien een zeer handig instrument voor de beleidsmakers.

Aangezien 2013 in het JBP benoemd wordt als ‘een planningsjaar’, wilde ik graag het volgende weten:
1) wordt er een jeugdbeleidsplan opgemaakt?
2) Zo ja, worden de kinderen en de jongeren van Opwijk hierbij betrokken? En op welke manier? En wat is de timing?

DefaultImage

Toegevoegd punt gemeenteraad 26 maart 2013

Sociale huisvesting
Uit de antwoorden die Open VLD en NVA verstrekt hebben op onze vragen en opmerkingen op de beleidsverklaring leiden we af dat het project van Providentia om sociale huisvesting te realiseren in de zone tussen Kattestraat en de Oude Pastoriedreef door Open VLD en NVA werd stopgezet. Dit werd bevestigd door de berichtgeving in Het Nieuwsblad van vandaag, 26 maart 2013. Dat brengt ons dan direct bij het onderwerp van het toegevoegd punt van INZET: hoe gaan Open VLD en NVA de achterstand in sociale huisvesting wegwerken?

Aan het einde van vorige legislatuur werd door de gemeenteraad, bij unanimiteit, een woonnota goedgekeurd, waarin de achterstand inzake sociale huisvesting in de gemeente Opwijk werd verduidelijkt. Juist omdat we niet voldeden aan de minimumnorm inzake sociale huisvesting in Opwijk kreeg de gemeente Opwijk ook nog een soort ‘penalisatie’.

Omwille van die grote achterstand werd aan het einde van vorige bestuursperiode ook een actieprogramma inzake sociale huisvesting goedgekeurd op de gemeenteraad.
Ook al kunnen soms vragen gesteld worden bij de concrete uitwerking van de toewijzingscriteria, toch zijn er heel wat wachtenden in Opwijk op een sociale woning. Onder de wachtenden zijn ook vele ouderen. Het is evenwel mogelijk om een doelgroepenbeleid te voeren binnen het sociaal huisvestingsbeleid.
INZET meent dat de een gemeente en de sociale huisvestingsmaatschappijen inspanningen moeten leveren om voldoende initiatieven inzake sociale huisvesting te realiseren.

INZET wenst ook de uitspraken van Ines De Coninck, bevoegde schepen voor sociale huisvesting, te ontkrachten:
– In vorige legislatuur werden wel initiatieven inzake sociale huisvesting gerealiseerd; er werden twee sociale huisvestingsprojecten in de buurt van de Millenniumstraat gerealiseerd (in totaal ongeveer 50 woongelegenheden, deels koopwoningen en deels huurwoningen).
– Daarenboven werd een sociaal reglement goedgekeurd waardoor private verkavelaars (vanaf 10 loten) verplicht worden om 15 % van de kavels te bestemmen voor sociale huisvesting.
– Tot slot werden aan de wettelijke toewijzingsvoorwaarden van sociale woningen lokale voorwaarden gekoppeld, om ervoor te zorgen dat mensen met een lokale binding maximaal toegang krijgen tot sociale huisvesting.

Concreet wens INZET volgende vragen te stellen:
– hoe willen Open VLD en NVA de achterstand inzake sociale woningen wegwerken? Wat zijn de concrete plannen in de volgende jaren? Wat zijn de concrete vooruitzichten inzake bijkomende sociale huisvesting?

DefaultImage

PERSBERICHT

Op de agenda van de derde gemeenteraad van de nieuwe legislatuur staat een aanpassing van het huishoudelijk reglement waarin Open VLD en NVA, de huidige meerderheid, voorstellen om de presentiegelden voor de gemeenteraadsleden op te trekken van 150 naar 200 euro bruto per gemeenteraad. ‘Nu iedereen de broeksriem moet aanhalen en besparen, is het niet gepast dat de vergoedingen van de politici omhoog gaan. Dit is geen teken van goed bestuur,’ meent de ploeg van INZET.

In de aanloop naar de verkiezingen gaven alle politieke partijen duidelijk aan dat er in deze bestuursperiode geen ruimte zou zijn voor financiële avonturen en dat er voorzichtig diende omgesprongen te worden met het belastinggeld van de Opwijkenaar. In het nieuwe huishoudelijk reglement willen Open VLD en NVA de presentiegelden optrekken tot het wettelijke maximum van 200 euro, de voorzitter van de gemeenteraad krijgt in de toekomst 400 euro per zitting van de gemeenteraad in plaats van 300 euro. Dit is een verhoging met 33%, iets waar INZET absoluut niet mee akkoord kan gaan. ‘Enkel voor de presentiegelden van de gemeenteraadsleden betekent dit een meeruitgave van meer dan 50.000 euro,’ stelt gemeenteraadslid Marijke De Vis. ‘Daar kan een gemeentebestuur wel andere dingen mee doen. We moeten als politici het goede voorbeeld geven en niet zelf eerst langs de kassa passeren.’
In datzelfde huishoudelijk reglement wordt voorgesteld om voortaan een verplaatsingsvergoeding te voorzien voor gemeenteraadsleden en schepenen indien zij in opdracht van de gemeenteraad naar een vergadering buiten Opwijk gaan. ‘Voor de gemeenteraadsleden hebben we daar geen probleem mee in zoverre dat het gemeenteraadslid geen vergoeding ontvangt van de organiserende instantie. Voor de schepenen hebben we daar wel een probleem mee,’ zegt voormalig schepen Pol Verhaevert. ‘De burgemeester en de schepenen krijgen de dag van vandaag een behoorlijke vergoeding. Daar bovenop nog eens een onkostenvergoeding voorzien, lijkt ons wat te veel van het goede.’

Goed doel
Tijdens de gemeenteraad van maart zal INZET om deze redenen tegen het nieuwe huishoudelijk reglement stemmen. ‘Indien het reglement alsnog goedgekeurd wordt, zullen de gemeenteraadsleden van INZET de extra inkomsten uit de verhoging van de presentiegelden storten aan een Opwijks goed doel. Welke goede doelen hiervoor in aanmerking komen, zullen we met het bestuur van INZET op een later moment bepalen,’ besluit Luc De Ridder, gemeenteraadslid en tevens voorzitter van INZET.

DefaultImage

Op de gemeenteraad van 26 februari 2013 kwam INZET, via Pol Verhaevert, tussen betreffende de annulering van de aankoop van een perceel in het Perreveld. Hier de volledige tekst.

Het is een schande dat jullie beslissen om deze aankoop opnieuw ongedaan te maken.
En de enige klaarblijkelijke reden is het negatieve advies van de gemeentelijke landbouwraad. Heeft een advies zo veel invloed in deze legislatuur? Is een advies plots een bindend gegeven voor deze meerderheid? Moet het dossier dan ook niet opnieuw voorgelegd worden aan de milieuraad, die geen bezwaar had tegen deze aankoop? INZET vindt inspraak uitermate belangrijk en hecht veel waarde aan adviezen van de betrokken raden, maar vindt dat een advies nooit het algemeen belang in de weg mag staan.

Alle andere argumenten tellen blijkbaar niet mee.
– Het Regionaal Landschap Groene Corridor heeft in vorige legislatuur, op vraag van de gemeente, een grondig onderzoek (een geïntegreerd gebiedsproject) gedaan naar natuurverbindingen tussen twee bosgebieden Trodt en Dokkene. De aankoop van dit perceel aan Perreveld paste volledig in dit project. Het Regionaal Landschap Groene Corridor heeft de gemeente trouwens gefeliciteerd met deze aankoop.

– De milieuambtenaar van de gemeente heeft samen met de bosgroep van het Regionaal Landschap een inrichtingsplan gemaakt voor dit perceel. Het was niet de bedoeling om dit perceel te bebossen, zoals Albert Beerens vertelt. Het was de bedoeling om een hoogstamboomgaard in te richten op dit perceel, samen met een poel en randbegroeiïng. De verklaring van Albert Beerens in de pers dat op dit perceel geen aanplantingen kunnen komen omwille van de leidingen in de ondergrond snijdt geen hout, want het inrichtingsplan hield in ruime mate rekening met de aanwezigheid van deze leidingen.

– Waarom is de aanleg van kleine landschapselementen, zoals een hoogstamboomgaard, een poel, randbegroeiïng niet wenselijk, terwijl de uitbreiding van het Hoppeveld wel wenselijk is volgens de beleidsverklaring. Ook al zal die uitbreiding van het Hoppeveld ook ten koste gaan van waardevol landbouwland.

– In de werkgroep ‘Landschap Opwijk’, een werkgroep rond het landschap in Opwijk binnen het strategisch project Kravaal-Erembald, werd de aankoop van dit perceel gunstig beoordeeld. Deze werkgroep bestaat uit vertegenwoordigers van de landbouwers en natuurpunt, aangevuld met deskundigen, de milieuambtenaar, een vertegenwoordiging van Pasar en de coördinator van het project. Deze werkgroep had als specifieke opdracht om zoeken naar natuurverbindingen tussen de drie bronbossen in Opwijk en in een later stadium een natuurverbinding maken tussen het bronbos Dokkene en Kravaal.

– Het realiseren van groenverbindingen tussen Dokkene en Trodt past volledig binnen de bepalingen van het RUP Landschappelijke overgang. Het perceel aan Perreveld werd in dit RUP zelfs aangestipt als locatie voor kleinschalige toeristische infrastructuur omwille van zijn hoge potentie inzake landschapsbeleving.

– Het nieuwe bestuur wil het landschappelijke karakter van de gemeente bewaren. Volledig akkoord. Maar dat doe je onder meer door herstel van verloren gegaan bosgebied, door herstel van verdwenen kleine landschapselementen, door onze gemeente te vergroenen. En het is daarom verbazend om te lezen in de pers dat de burgemeester meent dat er in deze legislatuur geen terreinen meer zullen worden aangekocht voor bebossing. En we lezen als mogelijke reden dat onderhoud van bosgebied te duur is. Waanzin!

– De gemeente heeft gebouwen, straten en natuur: alle drie vergen ze onderhoud. En het ene onderhoud is niet belangrijker dan het andere. Er is geen gradatie in belangrijkheid. Voor wegen en gebouwen wordt de afweging van de onderhoudskosten niet gemaakt, maar voor groen wel. Ook al is de globale kost voor het onderhoud van bosaanplantingen veel keren kleiner dan de onderhoudskost voor de andere componenten. Men zou ook moeten weten dat onderhoud in bosaanplantingen de eerste jaren veel aandacht vraagt, maar na drie of vier jaren vergt dat bos veel minder onderhoud.

– En we willen hier ook nog eens graag verwijzen naar onderzoek die Ines De Coninck vermeldde in januari 2013 bij de toelichting over haar beleid: inderdaad verschillende onderzoeken wijzen uit dat mensen gelukkiger zijn als ze in nabijheid van groen wonen. Voldoende bos in de nabijheid, voldoende kleine landschapselementen en groen in de wijken kunnen daarbij helpen. Jullie zetten alleen in op het laatste. Dat is onvoldoende.

– Als jullie de gemeentelijke beslissing van 13 december 2012 over de aankoop van dit perceel willen annuleren, blijft het perceel juridisch eigendom van het OCMW. Wat gaat het OCMW doen met dit perceel? Ik wil nogmaals in herinnering brengen dat de kostprijs van dit perceel door de ontvanger van registratie en domeinen in een officieel schattingsverslag geraamd werd op afgerond 35.000 euro. Beneden dit bedrag kan het OCMW dus niet verkopen.

DefaultImage

PERSBERICHT

Open VLD en NVA zetten gronden voor eengezinswoningen om in appartementen

Terwijl de nieuwe meerderheid de mond vol heeft over de beperking van de verstedelijking en van de meergezinswoningen in Opwijk doen ze op de eerste echte gemeenteraad van 29 januari het tegenovergestelde. Op de site ‘Kloostertuin’ geven ze een projectontwikkelaar vrij spel om op gronden bedoeld voor eengezinswoningen nu appartementen op te richten.

Voor de zogenaamde site Kloostertuin (de zone waarin vroeger Nijdrop en de Engelse tuin zaten) werd in de periode 2000-2006, toen CD&V en Open VLD in de meerderheid zaten, een inrichtingsplan goedgekeurd door de gemeenteraad waarin een gemengde bewoningsvorm werd goedgekeurd: appartementen langsheen de Marktstraat en de Gasthuisstraat, urban villa’s in het binnengedeelte (blokjes van telkens vier woningen) en eengezinswoningen richting Ringlaan.
Tussen de aannemer en alle grondeigenaars in dit gebied werd een opstalovereenkomst gesloten. De aannemer moet momenteel nog zes eengezinswoningen bouwen, maar heeft daarin weinig zin en wenst de percelen te verkopen aan projectontwikkelaar. Open VLD en NVA staan de nieuwe ontwikkelaar nu toe om op de zone voorzien voor eengezinswoningen appartementen te bouwen.

INZET meent:

  • – dat de gemeente geen appartementen moet toestaan in de zone die in het inrichtingsplan voorzien was voor eengezinswoningen;
  • – dat, indien de meerderheid toch appartementen wil realiseren op deze site, men het gewijzigde inrichtingsplan opnieuw moet voorleggen aan de gemeenteraad;
  • – dat alle Opwijkse projectontwikkelaars een kans moet krijgen om die terreinen in te kopen. Mogelijk zijn er ontwikkelaars die op die zone wel alleen eengezinswoningen willen bouwen.
  • – dat het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) Gasthuis van de vorige legislatuur dat in de centrumstraten meergezinswoningen toelaat, geen argument is om de appartementen toe te laten. Dat gemeentelijk RUP doet immers op geen enkele wijze afbreuk aan het – oudere – inrichtingsplan ‘Kloostertuin’, dat in die zone zes eengezinswoningen voorziet.

Reacties op dit persbericht mail je naar inzet@telenet.be

DefaultImage

GEEN SPOOR VAN ‘DE KRACHT VAN VERANDERING’ IN BELEIDSVERKLARING NIEUWE MEERDERHEID.

De beleidsnota van Open VLD en NVA belooft veel, is weinig concreet, maakt geen echte keuzes en realiseert zeker niet de grote verandering die beloofd werd in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen.

Beloofde sanering van de gemeentefinanciën blijft lege doos

“De gemeentefinanciën gezond maken is één van de belangrijkste opdrachten van het nieuwe gemeentebestuur”, lezen we in het begin van de beleidsverklaring. In de begroting is daar echter niet veel van te merken. De zogezegd grondige evaluatie van werkingskosten, die ongeveer 3,9 miljoen euro bedragen, heeft een besparing van slechts 120.000 euro opgeleverd, waarvan 50.000 euro afkomstig is van het schrappen van het krediet voor energiebesparende maatregelen. Deed het vorige bestuur het dan misschien toch niet zo slecht als werd beweerd?

Nergens worden duidelijke keuzes gemaakt voor verdere structurele besparingen. De personeelskosten stijgen daarenboven met ongeveer 400.000 euro in 2013. Bovendien zullen de personeelskosten alleen maar toenemen aangezien Open VLD en NVA pleiten voor tal van nieuwe diensten, loketten en functies. Zo wil men een aparte dienst economie, een gemeentelijke ombudsman, een preventieambtenaar, een seniorenconsulent, een cel Vlaams karakter … Ook zijn er nog een hele resem andere maatregelen die geld zullen kosten in plaats van een besparing teweeg brengen, waaronder de invoering van een buurtfeestcheque en een verwervingspremie inzake huisvesting. INZET is niet tegen deze ondersteuningsmaatregelen, maar het geld moet wel van ergens komen natuurlijk.

Alhoewel Open VLD en NVA verklaren geen prestigeprojecten te zullen realiseren, is men achter de schermen volop bezig met een megalomaan project voor een groot administratief gebouw op de Flaktsite in de Doortstraat. Voor INZET zijn er andere prioriteiten: hernieuwing van de Ringlaan, aanleg of vernieuwing van voet- en fietspaden, de oprichting van een sportloods voor binnensporten, de uitbreiding van het IBO, de renovatie van de Sint-Pauluszaal en vergroening van de gemeente.

Milieubeleid geen prioriteit

De beleidsverklaring bevat ook vele uitspraken die door de feiten of door de daden van het nieuwe college worden tegengesproken. Pol Verhaevert: ‘In de beleidsnota lezen we dat Open VLD en NVA de bestaande groene ruimten wensen te verbinden. Dit staat in schril contrast met de intentie van het nieuwe college om de aankoop van een perceel grond van 1,1 hectare, dat een eerste verbinding tussen twee bosgebieden kan zijn en dat in december 2012 goedgekeurd werd door de gemeenteraad, ongedaan te maken. Het bestuursdocument bevat geen enkele verwijzing rond het verder zetten van bebossingsprojecten of rond het verder participeren in het strategisch project Kravaal-Erembald.’

De nieuwe meerderheid wil ook iets doen aan haar energiefactuur, terecht. Toch schrapt ze het budget voor energiebesparende maatregelen, dat in de vorige bestuursperiode zijn intrede maakte.

Opwijkse jeugd de dupe van nieuwe bestuur

Bijna 80.000 euro die voorzien was in het JBP 2011-2013 wordt niet weerhouden door nieuwe meerderheid. Het gaat hier in grote mate over ondersteuning van de renovatie van jeugdlokalen (30.000 euro), het opwaarderen van speelterreinen (20.000 euro), de inrichting van een avonturenspeelruimte op de Vetweyde (25.000 euro). Ook de viering van het 30-jarig bestaan van het VAJA is niet meer terug te vinden. De begroting 2013 voorziet 8.100 euro voor vernieuwingswerken aan de lokalen van VVVKB Heiveld, terwijl dit in december al goedgekeurd werd door het vorige bestuur. Dit nu opnieuw in de begroting schrijven is pure politieke recuperatie.

Naast het financieel kortwieken van de jeugddienst is de nieuwe meerderheid ook vast overtuigd om GAS-boetes in te voeren vanaf 14 jaar. ‘Alsof jeugdcriminaliteit in Opwijk schering en inslag is. Voor INZET is overleg en begeleiding beter dan onmiddellijk te zwaaien met sancties en boetes’, stelt voormalig schepen van jeugd Marijke De Vis. ‘Wij vragen dat de jeugdraad actief betrokken wordt bij dit dossier.’

Reactie INZET op beleidsnota 2013-2018

Klik hier voor de beleidsnota VLD-NVA 2013-2018 (pdf-bestand)

DefaultImage

1 Marijke De Vis – 468
2 Pol Verhaevert – 357
3 Patrick Gillis (Groen) – 172
4 Joke Longin – 190
5 Philippe Verstraeten – 118
6 Laura Luypaert – 186
7 Patrick April – 84
8 Nathalie Vanhellemont – 145
9 Benny De Ridder – 103
10 Jasper Van Weverberg – 156
11 Jessica Smets (Groen) – 117
12 Nadia Khelifa (Groen) – 146
13 Françoise Lafaut (Groen) – 110
14 Diederik Staljanssens – 127
15 Evy De Batselier – 146
16 Gunter Mannaert – 122
17 Jean-Claude Deplechin – 80
18 Chantal De Groof – 120
19 Hamdija Ferizovic – 110
20 Lydia Vereertbrugghen – 109
21 Freddy Raymackers – 104
22 Martine Vanderstappen – 137
23 Luc De Ridder – 201
DefaultImage


Omdat het kartel INZET/GROEN het niet zo heeft voor harde campagnes, maar de inwoners van Opwijk wel wil duidelijk maken wat hun actiepunten zijn, hebben we besloten om het anders aan te pakken.
Op zondag 30 september 2012, tijdens de laatste rommelmarkt van dit seizoen, zullen we aanwezig zijn op de Singel.
Daar zal men vanaf 14 u op bepaalde tijdstippen kunnen kijken naar een poppenspel met zowel poppen als echte acteurs.
Volwassenen kunnen zeker van het spektakel genieten, maar het is in de eerste plaats bedoeld voor de kleinsten onder ons.
Zware politieke thema’s zal je niet terugvinden in het stuk, maar de kinderen zullen wel begrepen hebben dat ze respect moeten hebben voor ons milieu.
Maar bovenal zullen ze genoten hebben van een humoristisch, spannend verhaaltje.
Bij slecht weer wordt alles geannuleerd.

DefaultImage

In willekeurige volgorde een overzicht van jullie vragen en onze antwoorden tijdens de chat-actie. Sommige vragen waren zo specifiek en/of gedetailleerd dat we niet de tijd vonden om er een uitgebreid antwoord op te geven. De vraagstellers krijgen via mail een antwoord…

Hoever staan we met een fuifzaal ?
De Sint-Pauluszaal moet volgens INZET-GROEN gerenoveerd worden zodat dit opnieuw een volwaardige fuifzaal wordt. We vinden dat dit in de komende bestuursperiode zeker moet gerealiseerd worden.

Wat gaan jullie doen aan het zwerfvuil ? Wat wordt er gedaan in onze gemeente aan het sluikstorten ? Van een propere gemeente kan men niet spreken , kijk maar rond tot aan onze grenzen.
Ook ons stoot het tegen de borst dat mensen zo maar vuil langs de weg gooien, maar helaas is dit moeilijk te verhinderen. INZET-GROEN meent dat de gemeente blijvend moet sensibiliseren, ook via scholen en jeugdverenigingen. In het verleden zijn er via het gemeentebestuur en de milieuraad reeds zwerfvuilacties georganiseerd, waaraan jeugdverenigingen hebben deelgenomen. Ook nu ondersteunt de gemeente de opruimacties van vrijwilligers. De gemeente moet daarnaast ook verbaliserend optreden, maar helaas is dit niet altijd mogelijk omdat de overtreders meestel onbekend zijn.

Graag had ik geweten hoe jullie het centrum van Opwijk over 6 jaar hadden gezien ?
Het kartel INZET-GROEN pleit in zijn programma voor de herwaardering van de site Singel-Kerkplein en aangrenzende straten. Bij de herinrichting moet niet alleen aandacht gaan naar voldoende parkeerplaatsen, maar ook naar een veilige doorgang van het verkeer, voldoende voetgangersruimte en een maximale ingroening van de site. Inmiddels is een studiebureau aangesteld voor deze opdracht.

Wat gebeurd er in de Gasthuisstraat aan het Theaterhuis. 0penbreken en de dag nadien terug dichtgooien voor de markt zogezegd, om nadien terug open te breken. Ze hebben geld teveel zeker op de gemeente ?
Samen met de aannemer is er gezorgd voor de vlotste manier om het doorgaand verkeer te verzekeren. Daardoor is in een eerste fase aan de nutsmaatschappijen verplicht om, na de uitvoering van hun werken, opnieuw doorgang te verlenen aan het verkeer. Reden van de werkzaamheden aldaar: de toiletten van het Theaterhuyse loosden rechtstreeks in de open Asbeek met geurhinder tot gevolg. De toiletten zijn nu aangesloten op de afvalwatercollector zodat de Asbeek nu enkel proper hemelwater ontvangt.

Mogen vrachtwagens, camions (van aannemers) langdurig, vooral in de week-ends, geparkeerd staan in het centrum van de gemeente en voor Uw venster ?
Vrachtwagens van meer dan 3,5 ton mogen niet parkeren in het centrum. Daarbuiten kan dit vermeden worden door het aanbrengen van borden met een parkeerverbod voor vrachtwagens boven een bepaald tonnage. In enkele straten, waar het probleem zich sterk stelde, zijn reeds dergelijke borden geplaatst. Bij de aanleg van de Stwg op Merchtem is gezorgd voor een specifieke parkeerzone voor vrachtwagens, ook in Droeshout ter hoogte van de watertoren. Het kartel INZET-GROEN beseft dat dit probleem blijvende aandacht verdient en verder moet gezocht worden naar uitwijkmogelijkheden voor grotere vrachtwagens. Grotere vrachtwagens horen immers niet thuis in woonwijken.

Er wordt rondgebazuind dat er voldoende opvang voorzien is in het rustoord voor oudere mensen. Nochthans voor echte Opwijkenaars is er geen plaats.
In principe hebben Opwijkse inwoners voorrang in het OCMW-rustoord. In elk sociaal beleidsplan van het OCMW hebben we aangedrongen op voldoende alternatieve opvang (meer kort opvang, meer dag- en nachtopvang), zodat de druk op het rustoord verlaagt. Ook is aangedrongen op bijkomende serviceflats. Er is nu groen licht voor de bouw (aanvang werken: voorjaar 2013) van 34 flats op de site van het oude rustoord. Ook dit moet de druk op het rustoord verlagen. Accute situaties zijn op dit ogenblik niet op te lossen, dit tot onze spijt.

Wat wordt er gedaan aan de veiligheid van de schoolgaande jeugd ? Geen enkel fietspad in het centrum van de gemeente. Gevaarlijkste punt ” Singel”
In het programma van INZET-GROEN staat dat er prioriteit zal verleend worden aan een circuit van veilige voetgangers- en fietsroutes naar school. We hebben hier deze legislatuur al aan gewerkt: aan elke leerling van lager- en middelbaar onderwijs is door de gemeente een plan bezorgd waarin de veiligste routes naar school voor fietsers staan aangeduid. Op het terrein is recent gezorgd voor een fietspad in Nieuwstraat en Steenweg op Aalst. We willen ook nog in andere straten fietspaden aanleggen, maar in het centrum is daar niet altijd ruimte voor. Voor de Singel is een studiebureau aangeduid om deze site te herwaarderen en verkeersveiliger te maken.

Nogmaals aan onze zelfstandigen of gelijk wie die aangesproken wordt, te sensibiliseren om nederlands te spreken. Wij zijn nog altijd een vlaamse gemeente.
Hier kan een kort antwoord volstaan: volledig akkoord, iedereen moet aangespoord worden om Nederlands te spreken. Opwijk is én blijft een Vlaamse gemeente.

We zijn de treinvertragingen beu, wat kan Inzet hiertoe bijdragen tot oplossingen?
Benny De Ridder van INZET is continu bezig via een Facebook-actie allerlei klachten naar de ombudsdienst van de NMBS te sturen. Op intitiatief van de INZET-schepenen heeft het gemeentebestuur in het recente verleden een officieel schrijven gericht aan de NMBS om de vertragingen aan te klagen en een betere bediening en service van het Opwijkse station te bekomen. We blijven ijveren voor een betere service.

Wat willen/gaan jullie doen voor onderwijs: groeiend aantal leerlingen in de scholen zonder groei in middelen.
Voor INZET-GROEN is het essentieel dat alle Opwijkse kinderen in eigen gemeente naar school kunnen gaan. Indien hiervoor meer middelen nodig zijn (zowel voor gebouwen als voor materiaal), dan staat INZET-GROEN hier voor 100 procent achter.

De voorbije week werd voornamelijk de omgeving rond het Eeksken getroffen door een inbrakenplaag. Welke maatregelen voorzien jullie in jullie programma om de veiligheid in onze gemeente te verhogen?
Reeds lang dringen we bij de politiezone aan op meer zichtbaarheid en aanwezigheid in onze gemeente. Om die reden is door onze schepenen ook aangedrongen op het huisvesten van de fietsbrigade in Opwijk, wat nu een feit is. We blijven verder aandringen op een beter preventiebeleid door de politie ten aanzien van individuele burgers.

Op onderstaande vraag konden we zaterdagmorgen, in het korte tijdsbestek van twee uren, geen volledig antwoord geven.

Hoe ziet Inzet de financiering van een aantal ideeën uit hun programma zonder belastingverhoging ?
– volwaardig communicatieambtenaar (we hebben reeds één gemeentelijke ambtenaar en de huidig communicatie kan beter, zie de reacties op website ‘de redactie’..) meerkost : ? euro
– exploitatie van de vetweyde : er is (zou?) momenteel geen enkel concreet voorstel zijn wat die zou kosten aan de participerende verenigingen. Kost ? euro voor gemeente
– bijzonder financiering voor verenigingen met personen met handicap : kost ? euro
– bouw sportloods : investeringskost ? euro; exploitatiekost ? euro
– pleintjes aanleggen : ? euro
– vernieuwing St Pauluszaal ; investeringkost ? euro; exploitatiekost ? euro
– nieuwe? IBO kost ? euro
– recentelijk : heraanleg Europaplein : hoe concreet realiseren : kost : ? euro
– betaalbaar wonen : kost ? euro

Een aantal zijn lopende initiatieven, een aantal nieuwe… Ik neem aan dat Inzet alle bestaande initiatieven wil blijven behouden (zo niet welke komen in aanmerking voor schrapping?)

Namens het kartel INZET-GROEN kunnen we alvast volgende antwoorden geven:
– de ambtenaar die nu halftijds met communicatie belast is, is momenteel voltijds in dienst van de gemeente. Door een herschikking van de taken zou zij voltijds ingeschakeld kunnen worden voor communicatie. En dit zonder een meerkost voor de gemeente,
– wat de Vetweyde betreft: momenteel is er 1,5 miljoen euro voorzien in de begroting. We beseffen dat de latere exploitatie een behoorlijke hap zal kosten in de gewone begroting. Wat de deelname-kost van sportverenigingen betreft zijn er momenteel gesprekken gaande tussen SK Opwijk en Eendracht Mazenzele. Wat zeker al verworven is, is dat E. Mazenzele ook gebruik zal kunnen maken van het tweede terrein.
– de sportloods: in ons beleid ‘ruimtelijke ordening’ is er een zone voor de inplanting van een sportloods voorzien in het RUP Karenveld. De eigenlijke realisatie van de sportloods zal afhangen van de financierings- en subsidiemogelijkheden komende legislatuur. Daarbij zal ook onderzocht moeten worden of er geen prefinanciering door bijv. een intercommunale kan gebeuren, in combinatie met een zeer gespreide terugbetaling over vele jaren door de gemeente. Hierdoor kan de jaarlijkse last op de begroting beperkt worden. Uiteraard is dit enkel een piste indien de terugbetaling kan gebeuren aan een lage rentevoet.
pleintjes: de aanleg van pleintjes kan in nieuwe verkavelingen gewoon door de gemeente opgelegd worden als een bijzondere last aan de verkavelaar en dus op diens kosten. In andere gevallen zal de gemeente vaak kunnen inspelen op de subsidiemogelijkheden van de Vlaamse overheid en de provincie.
IBO: een nieuw IBO kan in belangrijke mate gefinancierd worden door de verkoop van de huidige site.
– De recente heraanleg van het Europaplein is niet bekostigd via de bijzondere begroting, maar binnen de gewone begroting, in het kader van het raamcontract “kleine werken”. Ook de aanleg van het rond punt aan Stationsstraat/Ringlaan/Heiveld/Marktstraat is aangelegd binnen dit raamcontract. Omdat het om al gerealiseerde én door de gemeente gefinancierde werken gaat, kunnen zij uiteraard niet drukken op de begroting van de komende legislatuur.
– wat betaalbaar wonen betreft: dit kan in eerste instantie zonder bijzondere financiering, nl. door ervoor te zorgen dat het gemeentelijk reglement genomen in het kader van het grond- en pandendecreet komende legislatuur wordt gehandhaafd. Dit reglement voorziet dat bij grotere verkavelingen (10 of meer kavels) er een bepaald percentage (15%) wordt voorbehouden voor sociale woningbouw. Bij een woonuitbreidingsgebied is het percentage sociale huisvesting minimum 30 % en maximum 40 % als het gaat om terreinen die eigendom zijn van een publiek bestuur. Het percentage ligt tussen minimum 20 % en maximum 30 % wanneer het gaat om eigendom van private personen.
Ook dit zal in de toekomst voor een stuk zorgen voor betaalbare woningen of kavels. Daarnaast voorzien we dat het aansnijden van woonuitbreidingsgebieden enkel maar in fasen kan gebeuren, in functie van de lokale nood aan bijkomende kavels en dat het om kleine kavels gaat. Ook dit moet bijdragen tot beter betaalbare kavels, zonder dat dit de gemeente geld kost. Het zelf verwerven van kavels en/of woningen, met het oog op het kunnen ter beschikking stellen later van betaalbare woningen of kavels door de gemeente zelf, is slechts een optie als zou blijken dat de gemeente daarvoor nog voldoende financiële middelen zou hebben en zonder dat dit de overige projecten in het gedrang brengt waarvoor het kartel ijvert.

De echt duurdere projecten waarvoor het kartel INZET-Groen wil gaan zijn redelijk beperkt: nieuw gebouw voor IBO, de herwaardering van de Sint-Pauluszaal (ondermeer als volwaardige fuifzaal), de herwaardering van het dorpsplein in Mazenzele en de herwaardering van de site Singel/kerkplein.
Verder zijn we ervan overtuigd dat alle voorstellen uit ons programma financieel haalbaar zijn, uiteraard gespreid over meerdere jaren en mits voldoende ingespeeld wordt op de subsidiemogelijkheden vanuit de Vlaamse overheid.

Wat lopende maatregelen inzake milieu en verkeersveiligheid betreft en ook wat betreft de verderzetting van het beleid dat INZET op deze legislatuur in deze beide thema’s is gestart, kan het kartel INZET-GROEN nog het volgende opmerken:
1. Alle rioleringsprojecten kunnen worden uitgevoerd binnen de overeenkomst van onze gemeente met Aqua Rio (TMVW) in ruil voor een jaarlijks bedrag van 58.000 euro dat we gedurende 20 jaren moeten inschrijven op onze gewone begroting. Dat komt omdat onze rioleringsprojecten meestal gesubsidieerd zijn door het Vlaamse Gewest en Aqua Rio een prefinanciering heeft uitgewerkt met de gemeente. Het probleem van de bijkomende kost bij rioleringswerken voor de bovenbouw (wegenis, borduren, voetpad en andere weginfrastructuur) kunnen we oplossen via “ Inter Via”. Dat is een nieuw financieringsvoorstel waarbij TMVW de kosten van de bovenbouw betaalt en de gemeente betaalt de kosten terug over een periode van 50 jaren (samen met een kleine leningsvergoeding). Op die manier bekomt de gemeente geld dat maar op lange termijn moet worden terugbetaald voor de betaling van de kosten voor de bovenbouw bij rioleringswerken. Dit maakt het mogelijk dat we in de volgende legislatuur alle noodzakelijke rioleringswerken kunnen uitvoeren.
2. Milieumaatregelen zijn nodig, maar worden meestal ten belope van 60 % tot 80 % gesubsidieerd.
3. De ondertunneling van Leireken: we beschikken over een subsidiebelofte van het Vlaamse Gewest van 100 % voor de ondertunneling en 80 % voor de aangrenzende fietspaden.
4. De aanleg van het fietspad langsheen de spoorweg van Opwijk over Merchtem naar Asse is ten belope van 80 % gesubsidieerd. De aanleg op Opwijks grondgebied is weliswaar moeilijk, maar ook kort en alles bij elkaar zal de resterende 20 % voor de gemeente Opwijk meevallen.
5. De aanleg van fietspaden op het functioneel fietsroutenetwerk van de Provincie wordt telkens ten belope van 80 % gesubsidieerd. De gemeente betaalt zelf de aanleg van fietspaden wanneer die niet liggen op het functioneel fietsroutenetwerk.
6. Binnen de begroting van de gemeente moet het haalbaar zijn om jaarlijks een vast bedrag te krijgen voor voetpaden (bijvoorbeeld 100.000 euro). Met dat bedrag kan je elk jaar een paar honderden meters voetpaden herstellen of aanleggen.

Reacties, bemerkingen, aanvullingen? Geen probleem via inzet@telenet.be komen ze terecht.
Het programma van INZET-GROEN is op deze site te lezen: klik hier

DefaultImage

Maak kennis met het kartel Inzet-Groen, het programma en de mensen die ervoor instaan

Op zaterdag 22 september 2012 krijgt iedere inwoner van Opwijk de kans om vragen te stellen aan het kartel Inzet-Groen.
In een wereld waarin we gebombardeerd worden met informatie over de komende gemeenteraadsverkiezingen willen we op onze eigen wijze de inwoners van Opwijk laten kennis maken met ons programma en de mensen die erachter staan.

Waarom?
Omdat het uiteraard onmogelijk is om alle informatie in brochures op te nemen én omdat we graag antwoord bieden op die ene vraag die je altijd al had willen stellen.
Iedere Opwijkenaar krijgt de kans om zijn vraag aan het kartel Inzet-Groen te stellen. Elk onderwerp zal worden besproken en geen enkele vraag wordt uit de weg gegaan.

Hoe gaan we dit aanpakken?
Op zaterdag 22 september 2012 tussen 10u en 12u komt het kartel Inzet en Groen samen om live op alle vragen te antwoorden.

Stel je vraag via
– telefoon of SMS: op de nummers 0484/62 06 41 of 0479/98 42 74
– Facebook: INZET-Opwijk: via facebook INZET – Opwijk kan je live alle vragen en antwoorden volgen
Omdat we niet willen dat iemand uit de boot valt, kan je ook op volgende manieren je vraag stellen:
1. per brief: Inzet t.a.v. Philippe Verstraeten, Heirbaan 22,1745 Opwijk;
2. per mail: inzet@telenet.be

Nadien zullen we alle vragen en antwoorden schriftelijk uitwerken en een samenvatting publiceren.

DefaultImage
1 Marijke De Vis
2 Pol Verhaevert
3 Patrick Gillis (Groen)
4 Joke Longin
5 Philippe Verstraeten
6 Laura Luypaert
7 Patrick April
8 Nathalie Vanhellemont
9 Benny De Ridder
10 Jasper Van Weverberg
11 Jessica Smets (Groen)
12 Nadia Khelifa (Groen)
13 Françoise Lafaut (Groen)
14 Diederik Staljanssens
15 Evy De Batselier
16 Gunter Mannaert
17 Jean-Claude Deplechin
18 Chantal De Groof
19 Hamdija Ferizovic
20 Lydia Vereertbrugghen
21 Freddy Raymackers
22 Martine Vanderstappen
23 Luc De Ridder
DefaultImage

Voor INZET en GROEN is een programma, waarmee je naar de kiezer trekt, belangrijk. Bij deze ons programma: klik hier. Het volledige programma is ook als pdf-bestand te downloaden.
Commentaar, suggesties, opmerkingen, aanvullingen… stuur ze naar inzet@telenet.be

DefaultImage

Noteer nu reeds in jouw agenda: zaterdag 1 september vanaf 17u..

Traditioneel organiseert INZET een jaarlijkse barbeque. INZET is geen erkende politieke partij en ontvangt dus geen financiële steun van nationale partijkassen. Leden van INZET verkopen momenteel steunkaarten van 2 en/of 5 euro, die uiteraard van jouw rekening de avond zelf afgetrokken worden.

Jouw aanwezigheid is niet alleen een gezellige avond met lekker eten, maar ook een riem onder ons hart en een bewijs dat je ons bezorgdheid voor een leefbaar Opwijk deelt. Binnenkort wordt op deze website ons uitgebreid programma, waarmee we naar de kiezer trekken, gepubliceerd.

DefaultImage

Op maandag 18 juni stelde het kartel INZET-GROEN het programma voor waarmee ze naar de kiezer trekken…

INZET EN GROEN DOEN HET ‘SAMEN VOOR OPWIJK’

Met de slogan ‘SAMEN VOOR OPWIJK’ trekken INZET en Groen naar de gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober 2012. ‘Het woord ‘samen’ dekt verschillende ladingen’, stelt INZET-voorzitter Luc De Ridder. ‘Om te beginnen staat ‘samen’ voor het progressieve kartel dat INZET en Groen gevormd hebben. We willen ook benadrukken dat we als groep naar de kiezer trekken. En ten slotte, het belangrijkste: we kunnen in onze gemeente maar vooruitgaan als we daar samen met de Opwijkenaar aan werken, want samen staan we sterk.’

‘In de volgende dagen zullen er op verschillende plaatsen in Opwijk verkiezingsaffiches verschijnen die aan de mensen in één oogopslag moeten duidelijk maken wat voor INZET en Groen belangrijke thema’s zijn bij de komende gemeenteraadsverkiezingen’, legt lijsttrekker Marijke De Vis uit. ‘We doen dit aan de hand van een woordenwolk. Terwijl verkiezingsaffiches doorgaans gebruikt worden om individuele kandidaten kenbaar te maken, kiezen INZET en Groen er op deze manier voor om inhoud op de eerste plaats te zetten. We kiezen er ook bewust voor om eerst onze programmapunten aan de kiezer voor te stellen en pas in een later stadium onze volledige lijst bekend te maken.’


Uit al de thema’s van de woordenwolk hebben INZET en Groen ook 14 heel concrete programmapunten geselecteerd. ‘Uiteraard is ons programma veel uitgebreider dan dit’, stelt huidig schepen Pol Verhaevert. ‘Maar dit zijn alvast onze prioriteiten.’

1) Voorzichtig financieel beleid. Geen prestigeprojecten. Zonder belastingverhoging een aantal projecten realiseren door maximaal gebruik te maken van subsidies.
2) Toegankelijke en klantvriendelijke administratie die alle burgers gelijk en objectief behandelt.
3) Mensen krijgen vooraf inspraak bij en duidelijke informatie over alle belangrijke projecten. Adviesraden worden maximaal betrokken.
4) Een nieuwe, grotere locatie en meer personeel voor het initiatief voor buitenschoolse kinderopvang ’t Sloeberke.
5) Elk kind moet in eigen gemeente basisonderwijs kunnen volgen.
6) De Sint-Pauluszaal renoveren tot volwaardige fuifzaal.
7) Aantrekkelijker maken van onze gemeente door de vernieuwing van de Singel en van het dorpscentrum van Mazenzele.
8 ) Veilig verkeer door onder andere verder te werken aan veilige voet-en fietspaden in zoveel mogelijk Opwijkse straten.
9) Vergroening van de gemeente, zowel door het uitbreiden van het bosbestand en het versterken van de natuurkernen als door het aanbrengen van groene accenten in de dicht bebouwde delen van onze gemeente.
10) De op stapel staande projecten moeten integraal uitgevoerd worden: de herwaardering van de stationsomgeving, de bouw van een nieuw jeugdheem, de uitbreiding van het containerpark, …
11) Inspelen op de specifieke behoeften van alle senioren: van voldoende ouderenvoorzieningen tot een gevarieerd sport- en cultuuraanbod.
12) Door sociale tewerkstelling, strijd tegen kinderarmoede, gepaste sociale hulp, … zorgen dat niemand uit de boot valt.
13) Verder werken aan een energiezuinig gemeente.
14) Opwijk, een Vlaamse gemeente, waar iedere Opwijkenaar de kans moet krijgen om er te blijven wonen, door realisatie van kleinere bouwgronden in verkavelingen, door bijkomende sociale huisvesting, …

‘Aangezien ‘inspraak’ voor INZET en Groen een belangrijk thema is, zal tijdens de Opwijkse jaarmarkt iedereen de kans krijgen ‘zijn woord’ toe te voegen aan de woordenwolk. Alle suggesties zijn welkom en maken kans om in het uitgebreide verkiezingsprogramma te worden opgenomen’, verduidelijkt Groen-voorzitter Patrick Gillis. ‘Ook via de Facebookpagina en de website van INZET en Groen kunnen mensen suggesties doen.’

DefaultImage
« Oudere artikels